Steeds meer vrijwilligers bij WelnU zijn hard nodig door de groeiende belangstelling van vluchtelingen voor Nederlandse taalles. Een oorzaak daarvan is de opening in september van een nieuw Taalcafé in Plan Einstein waardoor ze een nieuwe doelgroep uit Overvecht bereiken. Het aantal deelnemende vluchtelingen blijft toenemen en hoewel dat ook gebeurd bij de vrijwilligerspoule, is dat volgens WelnU niet genoeg om bij te houden. De vrijwilligers zijn erg positief over het door Roos Ykema gestarte project. Daphne uit Utrecht Oost en eerstejaarsstudente aan de Hogeschool Utrecht fietst wekelijks naar Zuidwest om les te geven.

Volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) kwamen er in het derde kwartaal van 2017 circa 6,7 duizend asielzoekers en zogeheten nareizigers, familieleden die nakomen, uit voornamelijk Syrië, Irak en Erithrea naar Nederland. Dat zijn er circa 1200 minder dan het kwartaal daarvoor. Ondanks dat blijft de populariteit van de taallessen van WelnU stijgen vanwege meer naamsbekendheid en mond-tot-mondreclame onder vluchtelingen.

De vrijwilligers van WelnU organiseren drie keer per week taalles voor vluchtelingen. De maandagavond van 19:30 uur tot 21:30 uur in Restaurant Kantien is het drukst bezocht.  Vluchtelingen kunnen zonder vooraanmelding binnen lopen, de groepen worden ter plekke op basis van niveau ingedeeld. Tot voor kort telde een lesgroep maximaal drie man, tegenwoordig het dubbele. 

Als ik na de les in de auto zit heb ik een fijn gevoel van voldoening

Restaurant Kantien is trendy ingericht met inkijk in de keuken. Daardoor lijkt de beschikbare ruimte, vol gezet met tafels, banken en stoelen, groter. De zaak staat vol met planten, en er hangt zelfs een in een glazen bol aan het plafond. Op alle tafels staat een dikke half opgebrande kaars, en op enkele ligt de lesstof voor vanavond.

Om 19:15 uur is Kantien ruim gevuld met vluchtelingen en vrijwilligers. Bij aanvang is er koffie en thee en iedereen is met elkaar in gesprek. Er hebben zich vandaag vier nieuwe vrijwilligers aangesloten bij het team. Zij krijgen van tevoren een korte rondleiding en uitleg door Marije van der Poel, een van de organisatoren van het Taalcafé.

Mohammed uit Syrië vraagt ijverig aan vrijwilligster Judith in welke groep hij is ingedeeld. Dit is pas haar derde keer, en aangezien ze niet van de organisatie is, kan ze hem niet helpen. Ondanks dat ze aangeeft dat dat dadelijk bekend zal worden op basis van zijn niveau, zegt hij echt wel weet wat zijn niveau is en zoekt stug door naar iemand die hem wel kan helpen.

‘Ik ben economisch adviseur voor een bedrijf en ondanks dat ik mijn werk leuk vind en het ook goed verdient, vind ik het heerlijk om dit te doen’ aldus Judith. ‘Als ik na de les in de auto zit, terug naar huis, heb ik een fijn gevoel van voldoening. Uiteindelijk draait onze wereld alleen maar om geld, maar dan kom je erachter dat er gewoon veel meer is dan dat. Terwijl aan de andere kant zou je kunnen zeggen dat ze natuurlijk taalles krijgen om vervolgens geld te verdienen. De wereld is zo dubbel.’

Tien minuten na de start van de taalles is het aantal decibellen flink toegenomen. Zelfs dan blijven er vluchtelingen binnenstromen. De groepen verschillen van grote, maar de meeste bestaan uit vier á vijf man. Hier en daar wordt er één op één lesgegeven. De vrijwilligers verschillen van studenten, de grootste groep, tot werkenden. 

Deze ruimte is een bom van GroenLinksers

Het bontjas-gehalte is groot, veel vluchtelingen hebben zich goed voorbereid op de koude temperaturen tijdens de terugweg. Veel van hen zijn op de fiets. Het niveau verschil is goed te horen. Zo geeft een meisje les aan drie dames met een hoofddoek, alle drie met een verschillende drukke print, les, die al goed Nederlands spreken. Daarnaast probeert een andere vrijwilliger in het Engels het woord ‘wassen’ uit te leggen aan twee oudere mannen die pas net zijn begonnen. Na het tig keer herhalen van ‘wash’ ‘wash’ ‘wash’ en uitbeelden begrijpen ze eindelijk wat de vrijwilliger bedoelt.

Na een uurtje is het tijd voor pauze. Ghedam uit Eritrea, Hamed uit Afghanistan die goed Nederlands spreken zijn aan het koffieleuten met hun lerares Pauline uit Welgelegen. Er wordt voortdurend gegrapt. “Jezus is boos op jou, omdat je niet naar de kerk gaat” zegt Hamed. Ghedam geeft aan dat hij een goede telefoonverbinding heeft tussen hem en god, dus dat dat niet nodig is.

Ghedam, die een tijdelijke verblijfsvergunning heeft, weet veel van Nederland. Zijn favoriete politieke partij is GroenLinks omdat die volgens hem het beste opkomt voor de belangen van de vluchtelingen. Pauline highfivet hem, ‘dit is een bom van GroenLinksers’ zegt ze. Hamed was vroeger erg geïnteresseerd in politiek, maar wil er tegenwoordig niks meer van weten. “Als ik televisie kijk zie ik alleen maar erge dingen. Een aanslag in Syrië, oorlog in Afghanistan, IS vermoord vijf mensen in Frankrijk”.

Als alle formulieren die de vluchtelingen bij zich hebben zijn ingevuld, loopt Restaurant Kantien om 21:30 uur leeg. Achteraf is er een korte nabespreking met alle vrijwilligers, en in het donker gaat iedereen terug naar zijn studentenkamer, twee-onder-een-kap-woning en AZC-kamertje.