UTRECHT- Door de segregatie, het wegvallen van de kerkgemeenschappen in de westerse wereld. Gaan steeds meer westerlingen opzoek naar zingeving. In Nederland is het Boeddhisme op dit moment zeer populair.

Boeddhisme wordt verbonden met eeuwenoude wijsheden, het wordt in verband gebracht met mediterende monniken en met glimlachende lama’s. Het Boeddhistisch gedachtengoed wordt vaak als een soort ideale spiritualiteit gezien en in heel wat steden en dorpen zijn tegenwoordig dharmacentra te vinden. Er ontwikkelt zich dan ook een eigen westers boeddhisme met eigen karakteristieken. Tijs Peters is 22 jaar geleden geboren in de Utrechtse hoofdstad, van huis uit werd hij Boeddhistisch opgevoed. Het Boeddhisme is geen voor de hand liggend ‘geloof’ voor westerlingen. “In onze hectische westerse wereld zou één minuutje mediteren per dag al het verschil kunnen maken.”

 Waar komt het vandaan dat jouw familie Boeddhistisch is?

“Inderdaad, het Boeddhisme is geen voordehand liggende overtuiging in het westen. Mijn ouders hadden, voordat ik geboren werd ook nog nooit van het Boeddhisme gehoord. Op latere leeftijd zijn mijn beide ouders op een nogal heftige manier geconfronteerd met de dood van familieleden. Dat deed wat met hen. Zij kwamen erachter dat ze behoefte hadden aan houvast van een geloofsgemeenschap. Ze voelden dat ze iets misten.

Lama, Sogyal Rinpoche schreef ‘The Tibetan book of living and ding’, een boek dat de boeddhistische visie biedt op leven en sterven. Toen mijn ouders dat boek hadden gelezen, waren zij er direct van overtuigd dat het Boeddhisme een hele mooie levensstijl is om naar te leven.”

Dus zo ben ook jij het Boeddhisme in gerold?

“Ja. Ik was twee jaar oud toen mijn ouders zich aansloten bij een Nederlands-Boeddhistische maatschappij, Rigpa. Daar zitten zij nog steeds bij. Ik liep daar als kind gewoon vrolijk achteraan. Ik had daar mijn vrienden en vriendinnen, dus ik vond het nooit erg om met hen mee te gaan naar cursussen of weekenden. Ik vond het als kind leuk om daar heen te gaan. We kregen daar ook weleens lessen over Boeddha. Wat hij zegt of we kregen lessen van die lama of we leerden mediteren.

Op die manier ben ik er in gerold, zou je kunnen zeggen. Op dit moment streef ik serieus de levensstijl van het Boeddhisme na, maar ik ben niet echt intens bezig met bidden, mediteren en het kijken van lessen. Misschien dat ik het ooit nog een keer op ga pakken, want het geeft wel veel houvast en steun. Het maakt je sterk, want de basis van deze levensovertuiging is dat je leert omgaan met je eigen geest. Je hebt je lichaam en je geest en dat moet in goede balans zijn, wil je ‘chill’ door het leven gaan. Die balans dat is precies waar je aan werkt op het moment dat je bijvoorbeeld een minuutje mediteert per dag. Wat je doet op het moment dat je mediteert, is even niet denken aan alles wat er om je heen gebeurt. Dus gedachten die in je hoofd komen laten gaan. Het mag wel, die mogen er zijn, maar daar ga je niet op in. Dat laat je gewoon zweven als een soort van wolk die voorbij drijft in de lucht. Ook al doe je dat maar één minuut per dag, het is zo ontzettend rustgevend en stress afnemend en het schijnt ook lichamelijk gezond te zijn. Dat merk je ook wel.”

Als je het zo ontzettend fijn vindt om te mediteren, waarom doe jij het dan niet dagelijks?

“Ik heb niet veel tijd. Eigenlijk is dat een ‘smoes’, het is maar één minuutje, maar ik denk er momenteel niet echt aan om het te doen. Mijn ouders en mijn zusje doen dat wel fanatiek en die worden daar ook echt rustig van. Zij hebben die ‘mind-body control’ helemaal in de hand. Nou ja, helemaal in de hand dat kan niet, dan ben je wel heel ver. Maar zij hebben het wel redelijk goed voor elkaar wat dat betreft. Zij weten wanneer hun geest iets zegt en zij weten wanneer hun lichaam iets zegt. Daar zit een verschil tussen.

Ik vind het nog steeds heel interessant. Vooral het niet doden van wezens vind ik een mooi uitgangspunt. Ook muggen niet, laat die lekker leven. Ik geloof heel erg in karma. De Boeddhistische beschreven manier van karma dan. Dus niet dat ik mijn teen stoot en dat ik denk ‘oh haha, karma’. Nee echt lange termijn dingen. Positieve karma, negatieve karma. Op het moment dat jij goed doet, op een dag komt dat de goede kant op terug. Daar geloof ik echt in. Maar op het moment dat jij dat niet doet zoals het onnodig doden of pijnigen van wezens dan kan je verwachten dat dat ook een keer jouw kant op komt.

Boeddhisten geloven in reïncarnatie, dat houdt in dat je herboren wordt in een ander lichaam, maar dat je geest hetzelfde blijft. Je mind blijft altijd hetzelfde. Omdat je in een nieuw lichaam komt, met nieuwe hersenen die op blanco staan, weet je natuurlijk niks meer van waar je eerst was. Je persoonlijkheid, die voor iedereen verschillend, die komt terug in een nieuw lichaam. Karma wordt ook meegenomen naar een volgend leven.”

Wat vind jij van de nieuwe trend van het mindfullness, mediteren en ‘Zen’ in de westerse wereld? 

 “Ik vind het heel erg uitvergroot. Mensen zien dat zij ergens geld mee kunnen verdienen, wat oorspronkelijk helemaal niet bedoeld is om geld mee te verdienen. Mindfullness is een heel mooi begrip waar heel veel mensen iets aan zouden kunnen hebben. Mediteren net zo. Zen, net zo. Maar het wordt gewoon gebruikt in de markt alsof het niks is. Al die yuppen die dan even een cursusje mindfullness gaan doen. Zo werkt het natuurlijk niet. Dat vind ik dan weer een beetje stom aan de trends in de Westerse wereld. Er moet altijd maar geld aan verbonden zijn. Dat onderbouw ik vanuit het Boeddhisme, ‘geld is kort geluk’. Mindfullness is lang geluk. Je kan kort geluk niet inruilen voor lang geluk. Zo werkt het niet.”

Hoe reageren mensen wanneer zij voor het eerst horen dat jij Boeddhistisch bent?

“Dat is verschillend. Ik zeg het ook niet snel tegen mensen. Ik vind het zelf niet iets wat iedereen hoeft te weten, het is iets van mij. Wanneer mensen wat dichterbij mij komen, dan wil ik hen best vertellen dat ik Boeddhistisch opgevoed ben. Het wordt wel steeds meer omarmd. Ik heb eigenlijk nog nooit gehad dat mensen echt negatief reageren. Natuurlijk zijn er mensen die het apart vinden, maar daar blijft het bij. Steeds meer mensen vinden het interessant om er met mij over te praten, mensen zijn vaak erg nieuwsgierig. Dat vind ik heel cool om te zien. Dat het gewoon steeds meer geaccepteerd wordt.”

Heeft het weleens in je voor of nadeel gewerkt dat jij Boeddhistisch bent?

“Nee. Ik heb nog nooit gedacht ik ben Boeddhist dus dit gaat niet werken voor mij. Ik ben en blijf gewoon een Nederlandse jongen in een Nederlandse maatschappij die zich makkelijk mengt. Wat ik eerder al zei, ik roep niet van de daken dat ik Boeddhistisch ben. Eigenlijk is dat dus heel makkelijk. Ik word niet benadeeld door mijn geloof, ook omdat niet iedereen dus weet van mijn geloof.”

Kies jij er dan weleens bewust voor het niet te vertellen?

“Niet bewust. Wanneer ik in de toekomst een sollicitatiegesprek zal hebben en er naar een eventueel geloof gevraagd wordt, ben ik niet bang om te vertellen dat ik Boeddhistisch opgevoed ben. Ik weet 100 procent zeker dat het alleen maar een enorme conversatie starter zal zijn waar de werkgever alleen maar in geïnteresseerd zal zijn. Ik denk dat ik daarmee uiteindelijk juist bonus punten binnen zal slepen.”

In hoeverre is het Boeddhisme onderdeel van jouw dagelijks leven?

“Omdat het Boeddhisme meer een levensstijl is dan een geloof, voor mij persoonlijk, is het iets dat je terugziet in mijn dagelijks leven. Het omgaan met situaties, omgaan met mensen, omgaan met dieren, omgaan met stress. Het is allemaal anders voor mij, geloof ik, dan voor leeftijdsgenoten die niet ‘geconfronteerd’ zijn met het Boeddhisme. Ik wil niet zeggen dat ik daarmee een heel uniek persoon ben. Ik heb ook gewoon stress, ik ben ook niet een of andere goeroe. Maar het Boeddhisme biedt mij wel steun. Het maakt mij wel een sterk persoon denk ik, omdat ik die levensstijl zo implementeer. Mediteren en bidden doe ik niet dagelijks. Ik denk dat het puur gaat om die manier van leven. Kijken naar de wereld, kijken naar de mensen om je heen maar ook vooral kijken naar jezelf. Dat heeft het meeste invloed op mijn dagelijks leven. ”

Zie jij veel verschil in de manier waarop jij bent opgevoed in vergelijking tot je vrienden? 

“Ja, ik zie veel verschil. Het gaat dan heel erg om het perspectief op het leven en de dood. Vrienden van mij die hebben gewoon een andere opvoeding gehad. Iedereen heeft uiteindelijk natuurlijk een eigen opvoedstijl, maar ik denk dat mijn opvoeding net wat meer afwijkt, aangezien ik al heel vroeg, heel veel kennis heb gekregen van wat ‘de beste manier van leven zou zijn’ en hoe je met zaken om kan gaan.

Onze familie is heel liefdevol, heel compassievol. Het klinkt misschien een beetje raar, maar ik zie mijn familie als één van de meest hechte gezinnen, als ik het vergelijk met de gezinnen waarin mijn vrienden zijn opgegroeid. Alle gezinnen om mij heen zijn gewoon niet hetzelfde als mijn gezin en dat komt omdat er een bepaald niveau is van elkaar accepteren, elkaar liefhebben. Dat uit zich niet alleen in knuffels en kusjes. Dat uit zich niet alleen lichamelijk maar ook geestelijk. Je weet hoe iemand denkt, je weet waar iemand aan toe is, en daar geef je diegene de ruimte voor. Je kent elkaar gewoon door en door. Dat is toch anders wanneer ik op bezoek kom bij vrienden. Dat is niet slecht, dat wil ik er wel bij zeggen. Hoe vrienden zijn opgevoed is niet slecht, het is anders.”

Op wat voor momenten heb jij steun aan ‘Boeddha’?

“Boeddha is er niet meer. Hij is er nog wel, maar hij is er niet meer. Het is niet dat wij geloven in een god, we geloven niet in god of Boeddha. Maar we geloven wel in de theorieën van de Boeddha. Alles wat de Boeddha heeft verteld, daar geloven wij in. Iedereen is zijn eigen Boeddha. Als je mij vraagt, op wat voor momenten heb jij steun aan Boeddha, dan vraag je dus eigenlijk; op wat voor momenten heb ik steun aan mezelf. Ik ben een Boeddha, jij bent een Boeddha, iedereen is een Boeddha. Je moet iedereen behandelen als een Boeddha. Dat is het mooie aan het Boeddhisme. Ik denk dat je daar echt de essentie legt op waarom het Boeddhisme zo mooi is. Iedereen wordt behandeld als een Boeddha. Ik heb dus steun aan Boeddha op momenten dat ik mezelf weer even moet vinden. Op momenten dat ik mij down voel, dat je gewoon even terug gaat naar jezelf en je innerlijke Boeddha opzoekt. Dat is eigenlijk dus ook weer dat mindfullness gebeuren. Je gaat opzoek naar de connectie tussen je geest en je lichaam. Ik geloof echt dat als je terug kan komen bij jezelf, op momenten dat je ongelukkig bent, dat je zelf in staat bent om je in no-time weer oké kan voelen. Dat wil niet zeggen dat ik altijd gelukkig ben, ik ben ook weleens ongelukkig maar ik kan dat heel snel herpakken, omdat ik weet hoe ik terug moet komen bij mezelf.”