Een raadsvoorstel voor een nieuw beleidskader cameratoezicht in Utrecht (2019-2022) is onlangs besproken in een gemeenteraadsvergadering. Gemeente Utrecht heeft een maximumaantal openbare ordecamera’s van 81 vastgesteld, waaronder 78 vaste en drie flexibele.

Camera’s worden gebruikt om de stad veilig te houden. De openbare ruimte in Utrecht heeft vier gebieden met cameratoezicht. Het eerste gebied is de binnenstad. Hier hangen camera’s om uitgaansproblematiek tegen te gaan en de openbare orde te handhaven. De wijken vallen onder het tweede gebied. In wijken hangen camera’s om (tijdelijke) problemen, zoals jeugdoverlast, te bestrijden. Het stationsgebied is het derde gebied. Hier hangen camera’s om terrorisme te voorkomen. Het vierde gebied is stadion Galgenwaard en omgeving. Camera’s houden hier toezicht op supporters voor, tijdens en na voetbalwedstrijden.

In 2018 is, net als in 2013, in opdracht van Gemeente Utrecht een evaluatie van het cameratoezicht uitgevoerd, door DSP-groep en Sander Flight. Volgens het onderzoek leidt cameratoezicht tot minder criminaliteit en overlast. Een groter gevoel van veiligheid is ook een mogelijke opbrengst van cameratoezicht. Tegenwoordig maakt de politie, in samenwerking met de gemeente, steeds vaker gebruik van camera’s. De politie wil hiermee een beter beeld van ordeverstoringen krijgen, zorgen voor efficiëntere politie-inzet en meer veiligheid voor hulpverleners.

Coalitiepartij D66 Utrecht vindt het bewaken van de privacy van inwoners belangrijk. D66 pleit ervoor vrijheden niet zomaar op te offeren, in ruil voor ‘schijnveiligheid’. D66 is daarom terughoudend bij het inzetten van cameratoezicht. Camera-inzet dient altijd tijdelijk, doelgericht en proportioneel te zijn. ‘’Handhaving in bijvoorbeeld straten met veel horeca vindt pas plaats als op beelden te zien is dat er iets misgaat. Camera’s kunnen zo leiden tot een gevoel van schijnveiligheid. Een zichtbare agent zal preventiever werken dan een camera die ergens onzichtbaar aan een dakgoot hangt’’, vertelt Corine van Dun, gemeenteraadslid D66 Utrecht.

Het gemeentebestuur besluit over het plaatsen van openbare ordecamera’s. De burgemeester is primair belast met de handhaving van de openbare orde. Burgemeester van Zanen: “…Bij plaatsing van iedere camera, zowel flexibel als vast, wordt zorgvuldig afgewogen of de camera op die plek bijdraagt aan de veiligheid in dat gebied…’’Het centrum voor criminaliteitspreventie en veiligheid (CCV) helpt gemeenten en ondernemers de juiste keuzes te maken op het gebied van cameratoezicht. ‘’Een flankerend beleid is van groot belang bij het implementeren van cameratoezicht’’, aldus Rodney Haan, CCV-adviseur.

DSP en Sander Flight zien nog steeds ruimte voor verbetering bij het inzetten van cameratoezicht. Ze hebben Gemeente Utrecht vijf aanbevelingen gedaan. Het vasthouden van goed technisch beheer en een helder beleidskader is de eerste aanbeveling. Focus op openbare orde, preventie en zware (gewelds)delicten zijn de volgende drie aanbevelingen. De laatste aanbeveling is het inzetten van meer flexibele camera’s. Flexibele camera’s zijn duurder dan vaste camera’s en daarom is het belangrijk om flexibele camera’s alleen in te zetten in die gebieden, voor die problemen en voor die dadergroepen waar flexibel cameratoezicht ook echt kansrijk is.