De aanslag op het 24 Oktoberplein is inmiddels anderhalve maand geleden. Vandaag werd in het Utrechtse stadhuis een raadsvergadering gehouden over de nasleep van deze aanslag. Op de dag van de aanslag wordt voor het eerst dreigingsniveau 5 uitgeroepen. Onder andere burgemeester Jan van Zanen, de hoofdofficier van justitie en Liesbeth Maas, Politie Sectorhoofd Utrecht, laten zich uit over hoe zij de dag van de aanslag hebben beleeft, wat voor impact het heeft gehad op de stad en hoe ze in het vervolg met een soortgelijke terreurdreiging willen omgaan.

De raadszaal begint vol te stromen met mannen in pak en in het net geklede vrouwen. Ook op de tribune achterin de raadszaal nemen steeds meer mensen plaats. De mensen die komen spreken zijn: burgemeester Jan van Zaanen, politie sectorhoofd Liesbeth Maas, de hoofdofficier van justitie Rutger Jeuken, de directrice van de GGD Nicolette Rigteren en gemeentesecretaris Gabrielle Haanen. Politie sectorhoofd Maas zit in haar politie-uniform naast de hoofdofficier van justitie. Alle aanwezige partijen zijn aanwezig om meer helderheid te geven over hoe zij de dag van de aanslag hebben beleefd en hoe zij op deze dag hebben gehandeld en waarom ze dit op deze manier hebben gedaan. Naast de sprekers zijn onderandere de politieke partijen: VVD, PvdA, GroenLinks en DENK aanwezig. Voordat de raadsvergadering begint komt de voorzitter het publiek een handje geven en wordt iedereen welkom geheten. In de zaal hangen vier grote televisie schermen waarop meegekeken kan worden. Enkele politici kijken voordat de vergadering begint de zaal in en geven het publiek een knikje.  Zodra iedereen zit opent de voorzitter de vergadering.

Opvallend is de sfeeromslag in de zaal, zodra de vergadering is begonnen. De nog losse en ontspannen sfeer die er heerste voordat de vergadering begon is nu meer gespannen en emotioneel. Burgemeester van Zanen neemt als eerst het woord: “Ten eerste wil ik zeggen dat we spreken van een zeer trieste gebeurtenis, waarover nog steeds onderzoeken lopen.” Van Zanen verteld hoe de telefoon ging en hij politieagente Maas en de minister president aan de lijn kreeg over de schietpartij.

Maas vertelt dat ze na de schietpartij een livestream binnenkregen, waarin een man riep: “Ik heb niets meer te verliezen, ik ga nu naar de Moskee!” Later bleek dit om een ‘verward’ persoon te gaan die niet gelinkt was aan het schietincident. Wel deed dit na de aanslag in Christchurch alle alarmbellen rinkelen. Na overleg werd dreigingsniveau 5 uitgeroepen. Maas: “Met één druk op de rode knop werden niet alleen in Utrecht, maar door het hele land crisisteams en politie-eenheden op de been gezet.” Maas vertelt dat naast de bestaande politie-eenheden en crisisteams werden er helikopters beschikbaar gesteld en de landsgrenzen beschermd door de Koninklijke Marechaussee. Camerabeelden bij tankstations werden opgehaald en mensen op tankstations zijn opgevangen en verhoord voor zoveel mogelijk informatie. De politiebureaus zelf werden ook extra beschermd en agenten droegen een extra zwaar kogelwerend vest. Ook werden drukbezochte plekken en moskeeën en synagoges extra beveiligd na het vrijkomen van de livestream. Rutger Jeuken, Hoofdofficier van Justitie: “De politie heeft uiteindelijk meer dan 850 meldingen en foto’s en video’s binnengekregen met informatie van mensen die wilde helpen. Daarnaast hebben we 14 invallen gedaan en acht woningen doorzocht. Uit al deze informatie heeft het hele team uiteindelijk één foto en één naam kunnen traceren”.

Een heftige dag die veel emoties oproept en veel verschillende perspectieven kent. Uit de vergadering wordt snel duidelijk dat niet alleen de slachtoffers in de tram last hebben gehad van het incident maar dat het voor heel veel verschillende mensen een traumatische ervaring is geworden. Burgemeester van Zanen laat zich hier over uit: “na de aanslag kregen we enorm veel brieven binnen. Het leed dat hier in staat is niet te beschrijven, de impact is enorm. Niet alleen van inzittenden in de tram, maar ook van omstanders, hulpverleners en burgers vanuit alle bevolkingslagen”. Hoe worden deze mensen geholpen? Er is een speciaal team opgesteld voor de belangenbehartiging van de slachtoffers onder leiding van de officier van justitie en Slachtofferhulp Nederland. Daarnaast wordt er persoonlijke ondersteuning verleend om mogelijke schade te verhalen. Mensen die juridisch niet tot de slachtoffers behoren wordt op dit moment gevraagd aan wat voor hulp zij behoefte hebben.

Belangrijk om bij stil te staan is dat er toen dit allemaal gebeurde en alle hulpverleners en zorgmedewerkers op de been waren er nog steeds dreigingsniveau 5 was afgegeven en er dringend werd geadviseerd binnen te blijven. Nicolette Rigter, directrice van de GGD: “na de aanslag zijn direct alle calamiteiten en traumadiensten beschikbaar gesteld. Er was al één overledenen, waarvan de identiteit achterhaald moest worden en de verwanten geïnformeerd moesten worden. Tegelijkertijd moesten de gewonden behandeld worden en de omstanders opgevangen. Daarnaast had het advies om binnen te blijven ook een enorm effect op de rest van de gezondheidszorg. Bevallingen gaan gewoon door, dokters kunnen hun thuisrondes niet lopen en het afleveren medicatie staat stil”.

Gabrielle Haanen, gemeentesecretaris, vertelt hoe zij ook voor een dilemma kwam te staan als algemeen directeur van de gemeente Utrecht. Er was inmiddels dreigingsniveau 5 uitgeroepen en de vraag was of zij dicht zouden gaan met of dat zij open bleven om mensen op te vangen. Haanen: “het stadskantoor besloot om open te blijven, omdat je als overheid ook de rol hebt om mensen op te vangen in zo’n situatie. Het stadskantoor kon hierdoor als een veilige haven dienen, maar je brengt tegelijkertijd ook deels je eigen medewerkers in gevaar.”

Zoals eerder gezegd was het de eerste keer in Nederland dat dreigingsniveau 5 werd afgekondigd. Burgemeester van Zanen laat weten dat het een hele onheilspellende situatie was. Van Zanen: “Er zat geen maatregelen pakket bij dreigingsniveau 5, we moesten ter plekke bedenken wat we gingen doen. Daarnaast kun je een advies geven om binnen te blijven, maar is het de vraag of mensen dit ook daadwerkelijk zullen doen. Uiteindelijk heeft het allemaal gewerkt, maar we liepen nog wel tegen veel problemen aan. Zoals het openbaar vervoer dat niet meer reed met honderden studenten op de Uithof.” Haanen, gemeentesecretaris, vertelt dat ze nu aan het onderzoeken zijn hoe ze dit de volgende keer het best moeten uitvoeren, mocht dit nog een keer voorkomen. Daarnaast moet er rekening worden gehouden met verschillende scenario’s (stel dat de dader niet zoals nu dezelfde dag wordt opgepakt, hoe verloopt het dan?). Haanen: “Er waren veel onvermoede dingen waar we mee te maken kregen, dit willen we in de toekomst zoveel mogelijk voorkomen”.