COLUMN De inkomensverdeling in Nederland is relatief gelijk en stabiel, maar bij de vermogens wordt de kloof tussen arm en rijk steeds groter. De rijkste 1 procent bezit volgens nieuwe cijfers bijna een derde van het private vermogen, ruim meer dan een jaar eerder, terwijl aan de onderkant de schulden groeien. Vandaag, 1 november 2018, luidt een kop in de Volkskrant: “Quote 500: ongekend jubeljaar voor de rijken.”

Deze kloof is ook zichtbaar op de woningmarkt. De woningnood in Nederland is nijpend. Vooral in de randstad en om nog specifieker te worden, Utrecht, is de woningnood enorm. Om te kunnen voldoen aan de vraag, zullen er tot 2040 in de provincie Utrecht minimaal 120.000 woningen worden gebouwd. Een van de pijlen is gericht op de Merwedekanaalzone, dit is gelegen achter het jaarbeursterrein, daar zijn plannen voor 6.000 tot 10.000 woningen. Er is een groot tekort aan betaalbare woningen, zowel wat betreft koop- als huurwoningen. Ga eerst eens rondkijken op Kanaleneiland te Utrecht of de Schilderswijk in Den Haag en maak vervolgens een ritje door Bloemendaal, Wassenaar of Baarn. Beelden zeggen meer dan woorden.  

Allereerst de markt voor koopwoningen; deze zit volkomen op slot. Voor nieuwkomers is het vrijwel onmogelijk een betaalbare woning te bemachtigen. Bovendien worden koopwoningen steeds vaker gekocht door investeerders, die na de koop de woning verhuren voor vaak schrikbarend hoge bedragen, bijvoorbeeld aan expats. Eén op de vijf koopwoningen wordt inmiddels gekocht door een belegger. Het gaat dan vaak om relatief goedkope woningen, waardoor starters het nakijken hebben. Geld maakt geld, een extra huis is, mede door de lage rentestand, interessanter dan een spaarrekening.

Maar ook betaalbare huurwoningen zijn met een kaarsje te vinden. Een woning boven de € 710,68 is een vrije sectorwoning, maar zie maar eens een acceptabele woning te vinden tussen dit bedrag en, zeg, € 1000,-. Dat bedrag per maand ophoesten is voor Jan Modaal een onmogelijke opgave.

Voor mensen met een beperkt inkomen is er het recht op een sociale huurwoning. Maar ook hier is een schrijnend tekort dat, met name in grote steden als Amsterdam en Utrecht, leidt tot wachttijden van meer dan 10 jaar.

Dat moet aangepakt worden, vindt onze regering met de VVD voorop. De beleidsmakers zijn er eens goed voor gaan zitten hoe ze de markt voor sociale huurwoningen weer kunnen openbreken. En kwamen al snel tot de conclusie: de sociale huurwoning nood wordt veroorzaakt door asielzoekers. Om te voorkomen dat deze mensen vóór gaan op ‘onze’ mensen wil de VVD vluchtelingen de urgentiestatus afnemen. Dat betekent dat ze onder aan de rij wachtenden kunnen aanschuiven en tot die tijd in een AZC dienen te verblijven. Dan wordt ook nog verwacht dat zij, vanuit deze situatie, werk vinden en integreren in de Nederlandse maatschappij.

Dit zijn berichten die de gemiddelde populist als muziek in de oren klinkt. Er wordt gewezen naar vluchtelingen en geroepen dat zij onze huizen inpikken, dat migranten onze banen stelen en dat ingrijpen noodzakelijk is. Hoe sneller hoe beter. Het voedt het wantrouwen, de wrok, de ontevredenheid die leeft onder een groot deel van de bevolking. Het zorgt voor polarisatie, voor discriminatie.

Binnen het kader van de discussies over fake nieuws, is een journalist het aan zijn stand verplicht om zogenaamde feiten te controleren. In dit geval: de woningnood wordt door vluchtelingen beïnvloed. En: vluchtelingen de urgentiestatus afnemen zal ervoor zorgen dat het tekort aan sociale huurwoningen drastisch zal verminderen.

Enkele cijfers: in 2016 vragen 18.171 mensen asiel aan in Nederland. In 2017 is dat aantal gedaald naar 14.716 (eerste asielaanvraag).

Er zijn twee miljoen sociale huurwoningen in Nederland. Dat betekent dat de druk die het aantal asielzoekers heeft op de woningvoorraad te verwaarlozen is. Asielzoekers hun urgentiestatus afnemen zal dus niet resulteren in het grotendeels oplossen van het tekort aan sociale huurwoningen. Dus is de asielzoeker ook niet de schuldige. Die beschuldiging, met name vanuit de rechts politieke hoek, is op zijn minst misleidend.

Tijdens mijn research kwam ik nog twee onverwachte cijfers tegen. In 2012 bedroeg de woningvoorraad sociale huurwoningen 3,2 miljoen. Tegen 2 miljoen in 2018. Zou dat wellicht de verklaring zijn voor het tekort? Kabinetsbeleid?

Al in 1990 pleitte het CDA ervoor het aanbod binnen de sociale woonsector te verkleinen. Dat had tot gevolg dat woningcorporaties zelfstandig werden en dat er geen sprake meer was van staatssteun. Corporaties sloopten vaak sociale huurwoningen om er vervolgens duurdere woningen voor terug te bouwen. Of ze verkochten de woningen.  Ook nu pakt de VVD flink door. Wooncorporaties dienen jaarlijks 1,7 miljard aan de staat af te dragen via de verhuurdersheffing. Waardoor er onvoldoende geld is om nieuwbouw te realiseren.

Let op: dit is bewust beleid. De VVD meldt in haar verkiezingsprogramma dat zij de woningvoorraad met 50 procent willen verminderen en vinden daarin de PVV aan hun zijde. Maar wijzen publiekelijk de asielzoeker als schuldige aan.

Jammer dat er verder niets gebeurt met die 8 miljoen vierkante meter aan lege kantoorpanden. En die 3 miljoen vierkante meter aan lege overheidsgebouwen. Als die nu eens omgebouwd zouden worden tot woonruimte, dan zouden veel mensen gehuisvest kunnen worden. Daarnaast ook een onmiddellijke start maken met het bouwen van nieuwe sociale huurwoningen, ook nog eens een enorme impuls voor de economie. En de nieuwe banen die daarbij worden gecreëerd? Nou, daar kunnen asielzoekers werken.