Treinfanaten, belanghebbenden en een handje vol perslieden staan woensdagmiddag klaar aan de trails van het Spoorwegmuseum. Hier zal de NS20, ofwel 'de Kameel' zijn rit eindigen. Het voertuig dat nu nog als inspectievoertuig van de Nederlandse Spoorwegen dient zal vandaag officieel overgedragen worden aan het spoorwegmuseum. ''Het is een schitterende trein, uniek en daarmee passend in het spoorwegmuseum. Dank jullie wel, en we zullen goed voor de kameel zorgen.''

Het Spoorwegmuseum is nagenoeg leeg en klaar om te sluiten, maar bij de achterste sporen op het museumterrein blijkt dat het laatste groepje bezoekers zich bij de sporen heeft verzameld. Hier zal om 16:19 ‘de Kameel’ – die zijn naam dankt aan de twee bulten die uit het dak steken – arriveren. Wanneer het bijna zover is welt de spanning op bij een aantal kinderen. ”Opa, hoe lang nog? En op welk spoor komt hij aan?” Het duurt inderdaad even. ”De Kameel moet wachten bij spoorwegknooppunt Blauwkapel.” vertelt ‘eduTRAINer Arnold Madderom wanneer blijkt dat de trein niet stipt op tijd zal arriveren. Het tijdstip is overigens niet symbolisch maar puur logistiek. ”Dit kwam toevallig zo uit. Daarnaast rijdt er ook nog een trein van het museum naar Utrecht Centraal en vice versa. Die kunnen elkaar natuurlijk niet in de weg zitten.”

Uiteindelijk, vijf minuten later, klinkt er een luide claxon vanachter de bomen vandaan en is het zover. In traag tempo komt er een rood-blauw, kort treintje met zijn twee iconische bulten achter de bebossing vandaan. ”De machinist zit in één van de bulten waardoor de passagiers een zogenaamde panorama-view hebben. Ze zien wat de machinist ook ziet.” vertelt machinist Peter Hilarius.

Peter-Paul de Winter, het hoofd van de collecties van het Spoorwegmuseum, vertelt waarom juist nu het goede moment is voor de overdracht van het rijtuig. ”Per dag worden er 1,2 miljoen mensen per trein het land door vervoerd. De Kameel is een eenling en sluit niet aan op deze massale manier van reizen. Hierom is het een mooi moment om hem te laten rusten in het spoorwegmuseum, waar bezoekers hem kunnen bewonderen.” Ook denkt de Winter dat het goed is voor de publiciteit van het museum. ”Je ziet nu al dat er zo veel media-aandacht is voor de Kameel. Ik denk zeker dat we de komende weken meer bezoekers zullen trekken hierom.”

Wanneer het voertuig tot stilstand komt klinkt er een luid applaus voor de machinist die voor de allerlaatste keer de Kameel van A naar B reed. Wanneer het handje vol genodigden enthousiast de trein uitstapt is het tijd voor de overdracht van de sleutels. Wanneer de pers klaarstaat begint Peter-Paul de Winter dankbaar aan zijn speech. Tijdens de de toespraak komt de levensloop van de Kameel gedetailleerd aan bod. Tien minuten verder, wanneer Peter-Paul in zijn verhaal aankomt bij de overdracht van het toestel, is zijn speech ten einde en wordt er enthousiast geklapt. De sleutels worden overgedragen en de borrel wordt geopend.

Een uur later, wanneer de bezoekers binnen aan het nagenieten zijn onder het genot van een hapje en een drankje, lopen twee mannen nog even naar het treinstel. ”De sleutel ligt nog binnen!” klinkt het opeens, gevolgd door ”Dit méén je niet!” De mannen kijken elkaar schrokken aan en besluiten te kijken of de rechterdeur niet toevallig nog open is. Dit blijkt het geval. ”Hebben wij even mazzel!” lachen ze.