Een gratis concert van opkomende bandjes bekijken tussen het werken door, dat klinkt goed toch? Dat is nou precies het concept van het lunchpauzeconcert. Iedere vrijdagmiddag, tussen half een en half twee, treden er twee bandjes op die door het Conservatorium goed genoeg zijn bevonden om in TivoliVredenburg op te treden.

Hoe populair die concerten zijn, wordt meteen duidelijk bij binnenkomst. Ieder concert vindt plaats in de grote zaal, die vandaag voor twee derde gevuld zit. Vooral door ouderen, zo valt op. Op de achtergrond wordt er jazzmuziek gespeeld. Een kaartje is niet verbonden aan een bepaalde plek, iedereen mag zitten waar hij of zij wil. Zo zit een  groep met kinderen helemaal bovenaan in het midden, terwijl er aan de achterkant van het podium een vrouw helemaal alleen zit.

Opeens valt de muziek stil en dimmen de lichten. Geroezemoes klinkt door de zaal, mensen stoppen hun telefoon weg en kijken vol spanning naar het podium. Waar je zou denken dat er een heel orkest komt te spelen, komt de eerste band op met maar vier personen. De zaal begint te klappen. De bandleden maken zich klaar voor hun optreden, terwijl een van de gitaristen naar de microfoon loopt. Hij is ook de enige die Nederlands spreekt zo blijkt later. ‘Leuk dat jullie er allemaal zijn. Wij gaan onze eigen nummers voor jullie spelen. Onze stijl kun je het beste omschrijven als jazz, met experimentele invloeden. Geniet zou ik zeggen.’

De band, bestaande uit twee gitaristen, een pianist en een drummer, begint te spelen en het publiek geniet zichtbaar. Als het eerste nummer is afgelopen, krijgt de band een hartelijk applaus. Bij het tweede nummer doet de drummer een solo, waarna hij ook applaus van het publiek krijgt. Na het nummer zegt de gitarist dat ze zo het laatste nummer gaan spelen en dat er daarna nog een bandje komt. ‘En die zijn veel beter dan ons, dus nog even volhouden.’ Er klinkt gelach uit de zaal. 

Als de band ook klaar is met hun derde nummer nemen ze het applaus in ontvangst en komt de volgende band alweer het podium op. Deze bestaat uit een pianist, een drummer, een gitarist, een contrabassist en een trompettist. Ze beginnen meteen met spelen. Na hun eerste nummer komt de trompettist naar de microfoon gelopen en stelt de bandleden voor. ‘Wij spelen vooral jaren vijftig nummers. De liefde voor die muziek is bij ons op school ontstaan.’ Ook herkent hij een man in de zaal. ‘Hey Angelo, tof dat je hier bent man!’

De band begint weer en het publiek wordt losser. Een vrouw gaat helemaal los en geniet duidelijk van de muziek. Bij het nummer daarna begint de drummer met een solo, geklap. Daarna heeft de trompettist een solo, geklap. Ook de gitarist mag niet ontbreken met een solo en weer wordt er geklapt. Na het laatste nummer ontstaat er een staande ovatie vanuit het publiek. De band weet niet wat hen overkomt. Een man uit het publiek rent naar voren en vraagt aan de trompettist wat de naam van de band is. ‘The darlings of hardpop, meneer.’ De man verstaat hem niet goed en kijkt verbaast. ‘The darlings of hardpop, tja die makkelijke naam heb ik verzonnen.’