De aanleiding
De Utrechtse gemeenteraad besprak in oktober een raadsvoorstel voor een nieuw beleid omtrent cameratoezicht in Utrecht (2019-2022). Gemeente Utrecht heeft een aantal openbare ordecamera’s van 81 vastgesteld. Coalitiepartij D66 Utrecht vindt het bewaken van de privacy van inwoners belangrijk. Corine van Dun, Gemeenteraadslid D66 Utrecht, zei op Nieuws uit Utrecht Centrum & Oost het volgende over cameratoezicht: ‘’Een zichtbare agent zal preventiever werken dan een camera die ergens onzichtbaar aan een dakgoot hangt.’’ Is dit echt het geval?

Waar is het op gebaseerd?

Volgens Corine van Dun is uit onderzoek gebleken dat agenten op straat preventiever werken dan openbare ordecamera’s. Van Dun wist echter niet direct welk onderzoek dit zou zijn. “Er zijn een heleboel plekken waar camera’s staan die op een gegeven moment niet meer actief zijn, maar wel blijven hangen. Die hebben dan nog maar een beperkt effect. Agenten kunnen meteen optreden en iemand oppakken, zo simpel is dat. Met camera’s is dat toch altijd weer iets lastiger. Als agenten op straat lopen, heeft dat een bepaald effect. Camera’s hebben ook een bepaald effect, maar in de buurt van agenten zal niet zo gauw iets gebeuren’’, aldus Corine van Dun.

En, klopt het?

Uit een evaluatie van het Actieplan overlast en verloedering van het kabinet, die het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) deed in augustus 2009, blijkt dat menselijk toezicht preventiever is dan toezicht met camera’s. Het SCP-rapport meldt dat selectieve audiovisuele ondersteuning wel preventief effect kan hebben, maar dat de aanwezigheid van functionarissen met een controlerende bevoegdheid beter werkt om te voorkomen dat potentiële daders hun slag slaan. In het rapport wordt ook het volgende gemeld: “Ten aanzien van de preventie van overige delicten, zoals vermogensdelicten, blijkt uit internationaal onderzoek dat cameratoezicht een klein, maar significant effect heeft.’’ Cameratoezicht voorkomt geen geweld, maar werkt wel op locaties zoals parkeergelegenheden en in- en uitgangen van gebouwen. Volgens het SCP heeft cameratoezicht geen zin voor het gevoel van veiligheid van de burger. Meer politiesurveillances en blauw op straat werkt in de veiligheidsbeleving van de buurt veel beter.

Volgens operationeel chef Lex Bennink van de politie Roosendaal zien camera’s vaak meer dan tien agenten bij elkaar. In die zin zijn camera’s volgens hem wel effectief en goedkoop. ‘’Een politieagent moet zich vermommen om niet meteen herkenbaar te zijn voor drugsrunners. Camera’s hebben daar geen last van’’, vertelt Bennink in BN DeStem.

Conclusie

Volgens Bennink zien camera’s meer dan agenten, maar hij vertelt in BN DeStem ook hier geen harde cijfers over te hebben. Het SCP heeft een aantal jaren geleden duidelijk gemaakt dat cameratoezicht niet effectief is om geweldsmisdrijven of onveiligheidsgevoelens terug te dringen of te voorkomen. De aanwezigheid van agenten voorkomt eerder dat potentiële daders hun slag slaan, dan het significante effect van camera’s. Zo deinzen bijvoorbeeld geweldplegers niet terug voor camera’s. Het verbeteren van de straatverlichting zou misschien een betere en goedkopere optie kunnen zijn om de sociale veiligheid te verhogen. De bewering dat zichtbare agenten preventiever werken dan een camera, is waar.