Burgemeesters zijn het afgelopen jaar veel in het nieuws geweest. Het overlijden van de burgemeester van Gdansk, “Krikke die het liet Fikke” en de discussie of een burgemeester nou benoemd of gekozen moet worden. Ook burgemeester Jan van Zanen komt vaak langs. Bijvoorbeeld met de 350.000e inwoner van Utrecht in zijn armen. Ik sprak hem over zijn baan als burgemeester van Utrecht.

Hoe zou u de stad Utrecht omschrijven?

“Een prachtige stad. Een stad die de middeleeuwen, de romeinse tijd en de geschiedenis van Nederland in zich bergt, naast heel veel moderniteit. Utrecht is zeer dynamisch en snel ontwikkelend. Misschien wel het snelst van alle grote steden in Nederland. Ik vind het een heerlijke stad. Utrecht is ook zeer populair op het moment. 350.000 inwoners, plus enkelen… Ik heb de 350.000e afgelopen jaar in mijn handen gehad. En niet te vergeten het grootste station van Nederland! Meer passagiers, elke dag, dan op de topdag van Schiphol. Dat is toch wel een prestatie.”

Er is veel ophef over het onveiligheidsgevoel van burgemeesters, hoe ervaart u dit?

“Wij als burgemeesters krijgen steeds meer bevoegdheden. De samenleving verandert. Alles wordt harder

Burgemeesters zijn soms wel de kop van jut

en sneller en er is steeds meer polarisatie. En ja, de burgemeesters zijn soms wel de kop van jut. Soms krijg ik brieven van mensen die boos zijn en hun boosheid op mij richten. Ik ga er niet onder gebukt, maar het is wel een teken van deze tijd. Ik ben elke week wel aanwezig bij een uitreiking of een huldiging of iets dergelijks. De burgemeester Gdansk deed niet anders en krijgt zo een mes in zijn ribben. Dat vind ik niet te bevatten. Het is eigenlijk niet goed te praten dat wanneer je werkt ten behoeve van de publieke zaak, dat je zo om je veiligheid moet denken. Dat is te gek voor woorden. Er zijn natuurlijk veel meer mensen die publieke zaak dienen. De mensen die in dit gebouw bij de balie zitten, conducteurs op de tram, politiemensen, buschauffeurs… Het zijn allemaal mensen die wel eens met agressie te maken krijgen. Het is een schande. Bizar!”

Wat is voor u uw belangrijkste taak als burgemeester van Utrecht?

“Mijn belangrijkste taak is natuurlijk om bij te dragen aan de openbare orde en veiligheid. Dat is mijn formele taak. Daar ga ik over, samen met de politie, met het Openbaar Ministerie… Verder moet ik bijdragen aan de ‘besluitmachine’, die de overheid nou eenmaal is. Waar ik de meeste tijd aan besteed is de mensen. Ik ben gewoon echt van de mensen. Ik vind het leuk om met mensen te praten en te zijn. Ik ben heus niet altijd gezellig, ben ook wel eens boos of ontevreden. Maar ik ben wel een beetje de man van iedereen. De makelaar in contacten. De makelaar in relaties. Iedereen moet bij mij terecht kunnen. Bereikbaar zijn voor mensen vind ik erg belangrijk. Zorgen dat Utrecht in beeld is. Zorgen dat wanneer er kansen zijn, dat die benut worden. Als mensen mij bellen of ik kan helpen, dan doe ik daar mijn best voor. Op die manier sta ik ook dichtbij de burgers. Ik vind het heel jammer dat ik ook gewoon zo’n 80 procent moet afzeggen. Mensen zeggen soms dat ik overal bij ben, dat kan ik helemaal niet. Hoe graag ik dat ook zou willen.”

Er wordt veel gezegd dat de taken van burgemeesters steeds belangrijker en politieker worden, ervaart u dit ook zo?

“Ja, dat is gewoon een feit. De bevoegdheden worden steeds groter. Althans, de mogelijkheden worden steeds groter. Ik probeer mijn bevoegdheden veel toe te passen, maar wel op een terughoudende manier. Ook luisterend naar wat de raad vindt. Soms ben ik het daar natuurlijk niet helemaal mee eens, maar dat hoort erbij.”

Heeft u een specifiek moment waar u trots op bent als burgemeester van Utrecht?

“Dat ga ik je lekker niet zeggen. Ik ga pas dingen vertellen waar ik heel trots op ben, als ik weg ben. Bovendien, als ik al ergens trots op ben, doe ik het zeker niet alleen. Dat is ook erg belangrijk om gezegd te hebben. Ik ben trots dat ik dit mag doen, dat ik de burgemeester van Utrecht mag zijn. Wat ik wel wil zeggen is dat het me tot nu toe lukt om zoveel mogelijk mensen te zien en te spreken, dat is namelijk ook mijn ambitie. Voor een aantal procenten, ik heb nog heel veel procenten te gaan. Ook dat ik bij heel veel mensen welkom ben en dat mensen mij in vertrouwen nemen. Daar word ik blij van.”

U bent lid van een rechtse partij en de burgemeester van een overwegend linkse stad, kan dat schuren?

“Nou nee, ik sta natuurlijk wel boven de partijen. Mijn antwoord hierop is: ik heb er geen last van. Ik houd van de stad. Ik heb gesolliciteerd voor deze baan en ik wist dat ik ging solliciteren in een stad waar de politieke partij waar ik toe behoor niet de grootste is. Ik vind het niet erg. Nogmaals, ik ben niet gekozen, ik ben benoemd. Tuurlijk schuurt het soms. Er zijn heus wel eens dingen die ik zou willen, waar de raad niet op zit te wachten. Voor dat soort dingen moet ik gewoon heel erg mijn best doen. Dat mag! Als ik politieke handelingen verricht, want dat moet ik natuurlijk, dan moet ik me wel verantwoorden. En dat vind ik fijn, ik wil niks anders.”

Wat vindt u het belangrijkste onderwerp om u mee bezig te houden als burgemeester?

“Openbare orde en veiligheid en mensen. Gewoon mensen, kansen en ideeën, klein tot groot. Neem nou… Dit is te onbenullig voor woorden maar ik vertel het toch. Dan doet er een jochie mee uit Leidsche Rijn,

Ik moet bijdragen aan de 'besluitmachine'

Pietje Thomassen, aan ‘Holland’s got talent’. Dat is toch leuk! Daar besteed ik aandacht aan, al is het maar één minuutje, ik besteed er aandacht aan. Dat zijn kansen, dat zijn dingen waar mensen blij van worden. Mijn baan is ook gewoon mensenwerk.”

Heeft u iets specifieks wat u graag zou willen bereiken als burgemeester?

“Nou neem nou zoals ik de stad zou typeren: ‘Razende Roeland’, razendsnel en dynamisch. Dit heeft natuurlijk wel consequenties. Ik wil dat iedereen de beleving van deze stad kan meemaken, ik hoop dat ik hierin kan blijven bijdragen. Dat alles in deze stad zoveel mogelijk wordt gedeeld. Ik vind geluk, succes en welvaart vooral aardig als je dat deelt, want niet iedereen kan het betalen. Dus iets waar ik graag aan wil bijdragen is iets bedenken waardoor we ervoor kunnen zorgen dat er ook betaalbare woningen zijn voor mensen met een kleine beurs. En ook: hoe houd je de stad aantrekkelijk. De drukte is bijvoorbeeld heel groots in deze stad. We bouwen niet voor niets de grootste fietsparkeergarage ter wereld. Misschien komen er straks wel allerlei verschillende fietspaden, voor langzame fietsers, snelle fietsers, de bakfietsmoeders. Kortom, als ik aan het gezonde stedelijk leven kan blijven bijdragen, vind ik dat een erg mooie uitdaging.”