UTRECHT - Tijdens de maand van de ramadan wordt er door moslims ruim voor dageraad tot zonsondergang gevast. Dat kan een moeilijke opgave zijn in een land als Nederland, waar een minderheid deze maand aan het vasten is. “Vooral de warmte en de dorst in de keuken kunnen moeilijk zijn.”

Het is een warme dag en toch zit Abdel binnen in een shisha lounge aan de Croeselaan. De lounge is nog maar een aantal dagen geopend en dat is te zien. Bij de bar staan geopende kartonnen dozen en als je goed kijkt, zie je dat de keuken nog niet af is. “Binnenkort zullen we de keuken ook kunnen gebruiken”, vertelt Abdel. “Dan kan ik hier beginnen met werken.” De jongeman schenkt vervolgens een glaasje water in, maar niet voor zichzelf.

Abdel is moslim en doet ook aan de ramadan. De basis van de islam berust zich op de vijf zuilen: een leidraad voor alle moslims. Een van de vijf zuilen is het vasten tijdens de ramadan. Voor moslims staat deze maand in het teken van verdraagzaamheid, liefdadigheid en saamhorigheid. Daarnaast is de ramadan een maand van bezinning en wordt er gebeden voor meer geloofsovertuiging.

“Vooral de warmte en de dorst in de keuken kunnen moeilijk zijn”, vertelt Abdel. Abdel werkt al een tijd als kok in de keuken, een lastige plek om de ramadan te vieren, zou je denken. “Het werken met eten maakt de ramadan niet perse zwaarder. Het is vooral de dorst waar je moeite mee kan hebben.” Maar het vasten levert Abdel meer op dan alleen dorst. “Je doet het voor een goed doel, ik krijg er uiteindelijk juist kracht en energie van. In deze maand leer je om zuinig te zijn en je komt zo dichter bij God.” Dat is juist een van zijn voornaamste redenen om aan de ramadan mee te doen. “Het gevoel tussen jou en God is sterker tijdens de ramadan.”

Niet altijd heeft Abdel zich zo verbonden gevoeld met zijn geloof en God. Vanaf jongs af aan kent hij het islamitisch geloof en is hij door zijn ouders ook op islamitische wijze opgevoed. Maar zo’n vier jaar geleden, op negentienjarige leeftijd, begon Abdel zich te verdiepen in de islam. “Het begon met de ramadan, zo’n vier jaar geleden. Ik wilde onderzoek doen om zo mijn eigen mening te vormen.” Dit zorgde voor een kleine omslag in zijn leven. Abdel stopte met drinken en blowen. “In het begin vond ik dit wel moeilijk. Ik dronk eerder mee met collega’s en vrienden en wilde ze ook graag tevreden houden en positief laten denken.”

Ook bidden is een onderdeel van de vijf zuilen en voor Abdel belangrijk om zich aan te houden. Hierbij gaat het om het verrichten van gebed. Dit gebeurt vijfmaal per dag, het tijdstip is afhankelijk van de stand van de maan. Vijfmaal per dag bidden kan lastig zijn wanneer je de enige bent in je omgeving. “Ik heb in verschillende restaurants gewerkt en in het begin moesten collega’s er vaak even aan wennen.” Abdel heeft nooit veel negatieve reacties gekregen, maar heeft het gevoel niet altijd begrepen te worden. “Soms hangt er een bepaalde sfeer. Ik weet dat vooroordelen bestaan en heb het gevoel dat er soms wel dingen worden gezegd.”

Tijdens het werk zoekt Abdel een rustige hoek op om zijn kleedje neer te leggen en het gebed te doen. “Als je ergens al een tijdje werkt en je collega’s weten dat je gaat bidden, dan kan ik vaak ongestoord het gebed doen.” Als Abdel niet zou mogen bidden op werk, zou hij wel twee keer nadenken om bij zijn werkgever te blijven werken. “Als ik niet mag bidden op werk moet ik ‘s avonds laat de gebeden inhalen. Het inhalen van alle gebeden van de dag duurt dan direct heel erg lang. Ik weet van mezelf dat ik dan laks wordt en het langzamerhand uit mijn systeem gaat.”

Het gevoel dat er in zijn omgeving anders naar hem wordt gekeken, omdat hij moslim is en een islamitisch uiterlijk heeft, bestaat al langer. “Rond mijn zestien-, zeventienjarige leeftijd was ik het wel zat. Zo liep ik ‘s avonds eens over straat langs een vrouw en die hield direct haar tas steviger vast.” Inmiddels heeft hij dit naast zich kunnen leggen. “De maatschappij kan ik niet veranderen. Mensen baseren hun mening vooral op media, maar ik kan wel in gesprek gaan en een mening van individuen veranderen.” Ironisch genoeg ziet Abdel dat mensen vooral met hem in gesprek gaan over de islam wanneer ze gedronken hebben. “Ik heb het idee dat mensen normaal gesproken een beetje bang zijn om erover te praten.” Voor Abdel zelf is dit geen probleem. “Ik ben erg open en praat graag over de islam. Ik leg mensen graag uit waarom ik iets doe, of hoe het komt dat ik een andere kijk op dingen heb.”