De Domtoren is in de kerstvakantie elke woensdag, zaterdag en zondagvond bijzonder te bezoeken: ‘Lichtjes kijken’. 's Avonds zien bezoekers vanaf boven de mooi verlichte stad en kunnen ze ver kijken. Zo is bijvoorbeeld de Onze Lieve Vrouwetoren in Amersfoort te zien. De Dom is met haar lengte van 112 meter lang de hoogste kerktoren van Nederland, waarvan het bovenste uitzichtpunt op 95 meter ligt. Om daar te komen, moeten bezoekers eerst 465 treden lopen. Laat de tour beginnen!

De gids Felix begint haar rondleiding om acht uur in het ontvangstgebouw dat klaar was in 1929. Ze vertelt eerst dat ze op elke verdieping wat uitleg geeft en dat iedereen alles mag vragen. “Het is belangrijk om nooit zonder mij verder te lopen. En als je eerder naar beneden wilt, is dat natuurlijk mogelijk.” Daarna vraagt ze of er mensen zijn die geen Nederlands verstaan. Een vrouw rond de twintig steekt met een beetje ongemak als enige haar hand omhoog. “Dat is geen probleem”, zegt Felix, “dan vertel ik het eerst in het Nederlands en daarna in het Engels.” Dan loopt de groep naar de eerste verdieping: de Michaëlskapel

Na 59 treden beland je in de Michaëlskapel. Felix vertelt dat hier tegenwoordig bruiloften, feesten en zelfs yogalessen worden gegeven. De groep luistert aandachtig naar het verhaal van de Bisschop van Utrecht die hier woonde in 1328. In de grond zit een vierkant van hout. Felix vraagt aan de bezoekers waarvoor die zou kunnen zijn. “Bierfusten omhoog takelen?”, grapt iemand uit de groep. Het blijkt dat deze luiken op elke verdieping zitten en bedoeld waren om bouwmaterialen omhoog te hijsen, tijdens de bouw van de toren. Na de Nederlandse uitleg gaat ze verder in het Engels en bekijkt de rest van de groep de kamer.

121 treden later komt de groep aan in de Egmondkapel. Hier woonde tot 1901 de torenwachter met zijn gezin. Het enige wat nog origineel is uit die tijd, is de grote open haard in de hoek. Ook nu is het publiek een en al oor voor Felix. Na de uitleg kijkt iedereen rond in de hoge kamer. ‘Het is fascinerend om te zien dat hier vroeger iemand echt heeft gewoond’ zegt Ivo (49). Felix vertelt dat de volgende ruimte de Klokkenzolder is en dat niemand aan de klokken en touwen mag zitten.

Na 221 treden betreedt de groep de zolder en is helemaal verbijsterd over de enorme klokken die er hangen. De zwaarste klok weegt 8227 kilo. Elke zondag luiden er wel een of meerdere klokken, maar alle veertien klokken samen gebeurt maar een paar keer per jaar en daar zijn zo’n vijfentwintig mensen voor nodig. Dan mag iemand uit de groep met een grote hamer zo hard mogelijk op de grootste klok slaan. Met moeite komt er wel wat geluid vanaf, maar lang niet zo hard als wanneer ze met touwen geluid worden en zodoende de klepel aan de binnenkant tegen de klok slaat.

De trappen vallen tot dusver mee, maar nu komen de wenteltrappen. De lantaarn bevindt zich na 318 treden op 70 meter hoog. Een beetje gedesoriënteerd komt de groep aan. Om het kwartier speelt hier het carillon en deze telt vijftig luidklokken. Er is een mechanisch speelwerk dat dateert uit 1664, met daarin een speeltrommel waarin zich bijna vijfentwintigduizend gaatjes bevinden. Van daaruit wordt er met een hamer op de klok getikt. De groep snelt zich de kamer in, want het carillon begint net met spelen. Felix vertelt dat de melodieën ook een paar keer per jaar veranderd worden. Dan vraagt iemand uit de groep: “Hoe worden die melodieën in de speeldoos gemaakt? Ik woon namelijk hier beneden en ik heb het gevoel dat ze soms nog niet helemaal kloppen.” De groep lacht, de vrouw vertelt namelijk hoe ze wakker wordt als er weer een nieuwe melodie gespeeld wordt. “Een groep vrijwilligers is een dag bezig om alle pinnetjes uit de speeldoos te halen en die daarna terug te zetten op de goede plek. Dus het kan inderdaad best zo zijn dat de melodie niet meteen klopt!” zegt Felix. Een paar keer per week komt de stadsbeiaardier die door middel van het toetsenbord de klokken bespeelt. “Hoe word je beiaardier?”, vraagt een vrouw. Felix antwoordt: “Hiervoor kun je een opleiding volgen. In Amersfoort zit er eentje. En dan ben je in dienst bij de gemeente en krijg je gewoon betaald.”

Dan mag de groep uiteindelijk naar het topje. Na 465 treden bevindt men zich op 95 meter hoogte. “Mooi om Utrecht een keer in het donker van boven te zien. Het laatste deel is best eng om naar boven te lopen. Maar het is het zeker waard om een keer mee te maken!”, vertelt Kim (19). Op de trappen wordt een aantal deelnemers van de tour wat duizelig, omdat er nog ruim honderdvijftig treden zitten tussen de Lantaarn en de hoogste trans. De trappen gaan daarnaast ook nog eens in een rondje omhoog. Dat is voor sommigen wat afzien. Maar niet voor Anneke (56): “De trappen vielen me mee. De gids was goed. Leuk om puur Hollandse huisjes in de avond van boven te zien. Vanuit elk huisje brandt wel een lichtje, ik denk dat daar de naam ook vandaan komt.” Het uitzicht reikt vanaf hier over de hele stad en zelfs andere steden zijn te zien. De een zoekt naar zijn eigen huis tussen alle kleine verlichte panden, de ander kijkt of ze Amsterdam kan zien liggen. De bezoekers mogen zelf beslissen wanneer ze weer naar beneden lopen. En om het af te sluiten staat er een lekkere beker warme chocomel voor klaar in de Michaëlskapel.