Karima Y. (ze heeft haar familienaam liever niet in de krant) is 25 jaar en studeert staats- en bestuursrecht in Utrecht. Momenteel is ze bezig met haar scriptie. Daarnaast werkt ze twee dagen per week bij een strafrechtadvocatenkantoor in Amsterdam. Ze vertelt over haar loopbaan en hoe ze dit combineert met haar geloof: de islam.

Loopbaan
“Ik ben op havo begonnen, toen heb ik een HBO sociaal- juridische dienstverlening gedaan. Die heb ik ook afgerond, maar tijdens die HBO-opleiding ben ik al begonnen met een universitaire studie, omdat ik echt nog niet wilde werken op mijn 21e. Tijdens de studie sociaal-juridische dienstverlening ben ik erachter gekomen dat ik de juridische kant op wil. Je hebt natuurlijk de maatschappelijke kant. Dat vond ik wel interessant, maar ik vond het niet fijn om telkens zulke persoonlijke problemen op te lossen. Bij juridische zaken doe je dat ook wel, maar dat is toch anders. Je bent problemen aan het oplossen en je hebt toch enige afstand.
Bij mijn huidige werkgever ben ik terechtgekomen door mijn scriptie. Daarvoor doe ik onderzoek naar achterblijvers van vermisten. Als je partner bijvoorbeeld vermist is, kun je je huis niet verkopen omdat je daar een handtekening voor nodig hebt van je partner. Daar heb ik onderzoek naar gedaan. Mijn werkgever was ook bij dit onderzoek betrokken, omdat hij veel doet met vermiste personen en slachtoffers, dus ik heb hem benaderd voor een stage. Daarna mocht ik blijven.”

Diversiteit
“Zelf heb ik nog nooit last gehad van discriminatie tijdens sollicitaties of op de werkvloer. Het zal vast wel voorkomen, maar ik heb daar nog nooit direct mee te maken gehad. Ik heb nog nooit het gevoel gehad: ik ben niet aangenomen omdat ik een hoofddoek draag. Misschien ligt dat ook aan je instelling. Als je je heel erg focust op het feit dat er sprake van discriminatie kan zijn, dan ga je dat eerder als reden zien voor een afwijzing dan dat je simpelweg denkt: ze vinden mij niet gekwalificeerd genoeg. Nu is het ook zo dat ik niet vaak echt met een sollicitatiebrief heb gesolliciteerd. Meestal ben ik via-via ergens terechtgekomen.
Tegenwoordig zijn werkgevers trouwens echt op zoek naar diversiteit. Als je op Internet kijkt naar vacatures, is het vaak: ‘We zijn een inclusieve organisatie en we zijn op zoek naar diverse achtergronden,’ Ze zijn er echt mee bezig, vooral bij de overheid. Ik denk dat het bedrijfsleven opmerkt dat wanneer je organisatie meer divers is, dat er ook verschillende invalshoeken zijn van waaruit zaken kunnen worden benaderd. Dit vind ik een goede ontwikkeling, maar ik wil alsnog dat mensen echt blijven kijken naar mijn kwaliteiten en niet naar het feit dat ik Marokkaans ben.

Geloof en werk
“De Ramadan is goed te combineren met mijn werk en studie. Echt naar mijn werk toe gaan is wel vermoeiend, want ik sta zeven uur op en moet dan op weg naar Amsterdam. Dan kom ik ’s avonds thuis en ben ik wel echt kapot. Het is niet zwaar, wel zwaarder dan normaal. Juist mijn werk is fijn om even afgeleid te zijn, maar soms heb ik toch wel een beetje trek. Bij het maken van mijn scriptie merk ik dat mijn concentratie wat slechter is. De kwaliteit van mijn scriptie lijdt er niet onder, alleen ik ben wat minder productief tijdens de Ramadan.
De dingen die ik vanuit mijn geloof meeneem in mijn werk en studie zijn voor mij eigenlijk heel vanzelfsprekend. Bijvoorbeeld: als ik slechte cijfers haal, dan bedenk ik dat God dat zo voor mij bedoeld heeft en dat dit onderdeel is van zijn plan voor mij. Iemand die niet gelooft kan het misschien ook accepteren als iets niet lukt. Die zeggen dan wellicht: het zij zo. Het verschil tussen hen en mij is dan dat ik geloof dat God het zo heeft gewild.
Verder zijn het vaak praktische zaken vanuit mijn geloof. Ik drink bijvoorbeeld niet, terwijl mijn collega’s dan soms even een borreltje doen na het werk. Dan bestel ik gewoon een ice tea. Het ligt eraan hoe je je opstelt.”