De PvdD stelde begin oktober vragen aan de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. De partij dringt aan op een landelijk verbod op het afschieten van katten en wil hiermee dus ook de jacht op katten in Utrecht stoppen. Minister Carola Schouten legt de verantwoordelijkheid in handen van de provincies en zegt dat afschot waar mogelijk moet worden vermeden. De keuze om toch voor afschot te kiezen is volgens de minister te rechtvaardigen als andere opties geen oplossing bieden. In het Centrum van Utrecht wordt momenteel een ander beleid toegepast. Daar wordt gekozen voor het zogenoemde TNR-systeem.

Utrecht hanteert twee manieren om zwerfkatten te verminderen. In het centrum van Utrecht worden zwerfkatten door het asiel gevangen in kooien, het zogenaamde TNR-systeem. Door de dieren te vangen kan bekeken worden of de dieren een baas hebben. Zo niet, worden de dieren gesteriliseerd of gecastreerd om ze daarna weer uit te zetten waar ze gevonden zijn. Zo wordt vermeerdering van de katten voorkomen. In de buitengebieden van Utrecht wordt gekozen voor afschot. Jagers mogen zwerfkatten afschieten omdat het ecologisch evenwicht van de natuur in gevaar zou zijn wanneer dit beleid niet wordt toegepast.

Wie er precies verantwoordelijk is voor een zwerfkat is niet geheel duidelijk. In principe is de persoon die een dier aanschaft ook verantwoordelijk voor de verzorging ervan. Dit is opgenomen in de wet.  Als een kat geen chip heeft, kan de eigenaar niet achterhaalt worden en neemt in dit geval de Provincie de verantwoordelijkheid over het dier. Het lot van het dier is hierdoor afhankelijk van de grond waarop het dier zich bevindt.

Het verschil in betekenis van de naam tussen een huis-en zwerfkat is duidelijk. Een kat zonder eigenaar wordt zwerfkat genoemd. Maar het verschil met eigen ogen zien is een ander verhaal volgens o.a. de PvdD en dierenambulance. De minister verwacht dat jagers het verschil tussen een huis en zwerfkat kunnen zien. Concrete voorbeelden worden hier niet voor gegeven. De PvdD laat weten dat dit verschil niet altijd zichtbaar is.

Utrecht staat de jacht op katten sinds 2002 toe. Verschillende mensen hebben hun mening en visie over het vraagstuk laten horen. Echter is er nog niet veel wetenschappelijk onderzoek naar de invloed van katten op de natuur verricht. Nog minder naar specifiek Utrecht. Een conclusie trekken over het succes van het beleid dat wordt toegepast is daarom moeilijk.