Als geloof en liefde elkaar voor de voeten gaan lopen, dan struikelt het geluk. Morgen is het zo ver: de tweede editie van de Utrechtse Canal Pride. Net zoals vorig jaar vaart het Apostolisch Genootschap mee. Emiel Pijl, communicatie-adviseur van het Apostolisch Genootschap, vertelt hierover.

Wat is het Apostolisch Genootschap?

‘Het is een levensbeschouwing van mensen die op humanistische grondslag met zingeving en levensbeschouwing bezig willen zijn. De naam ‘Apostolisch Genootschap’ maakt wellicht een wat plechtige en orthodoxe indruk, maar wij zijn uiterst vrijzinnig. Zelfs zo vrijzinnig dat sommige kerken zich afvragen of wij nog wel christenen zijn.

Wij schrijven onze leden niet voor waar zij in moeten geloven, maar we willen ze wel inspireren om in hun leven een heuveltje verder te kijken dan enkel de dagelijkse bezigheden. Onder onze leden hebben we mensen die zich bezighouden met filosoferen over bijvoorbeeld god of een macht buiten zichzelf. Ook hebben we leden die zeggen dat een dergelijke macht niet bestaat en dat we het met het hier en nu moeten doen.

Wat ons bindt is het geloven van de macht in de liefde die mensen voor elkaar voelen en het humaan zijn van de samenleving.’

Maar, als het zo vrijzinnig is, waarom is het dan een religie?

‘We noemen het een religie, een levensbeschouwing, omdat we het leven niet aan het toeval over willen laten. We vormen gemeenschappen waar we wat voor elkaar kunnen betekenen.  Daarvan zijn er op dit moment 69 in Nederland. Iedere zondag komen we bij elkaar voor een eredienst. Dat doen we om verschillende redenen: om de geest te voeden, om geïnspireerd te raken en ons te verwonderen over het leven. Maar ook voor troost of om feestelijke momenten in het leven te markeren.’

Hoe ben je in dit genootschap terecht gekomen?

‘Ik weet niet beter, want ik ben apostolisch geboren. Ik denk dat een geloofsbeleving zich ontwikkelt met het verstrijken van de tijd. Zo ben ik er zelf steeds analytischer naar gaan kijken. Blijft het wel bij me passen? Omdat de inhoud van het apostolisch-zijn niet vastligt maar ook afhankelijk is van hoe de leden er tegenaan kijken, en dus ook mijn opvattingen toe doen, is het heel dynamisch.’

Wanneer kwam je uit de kast en hoe was dat?

‘Ik was 22 jaar en was toen ook echt verliefd. Die liefde is nu, 33 jaar later, nog steeds mijn man. Het was voor mij niet zo ingewikkeld om uit de kast te komen. Ten eerste, omdat in het Apostolisch Genootschap liefde de leidraad is. Daarnaast werkte ik in de creatieve sector en daar is dit helemaal niet raar of zeldzaam. Ik kan mij wel voorstellen dat als het in andere omstandigheden wel lastiger had kunnen zijn.’

Waarom varen jullie mee met de Utrechtse Canal Pride?

‘Wij varen mee, omdat wij op één punt niet willen nuanceren: het geloof in de volstrekte gelijkwaardigheid van mensen en dus ook de volstrekte gelijkwaardigheid in de manier waarop mensen elkaar lief kunnen hebben.  Liefde moet je vieren en daar moet je niet veroordelend over spreken, is ons standpunt. Je seksuele geaardheid is niet door jezelf te bepalen, het is een verrassingspakket van moedernatuur. Op een gegeven moment gaat het strikje ervan af en dat is het dan. En hoe het dan ook uitvalt, omdat we liefde als gelijkwaardigheid zien, is er dus geen enkele reden om iemands geluk in de weg te staan.’

Dit is de tweede keer dat jullie meevaren. Wie kwam vorig jaar met het idee en wat waren de reacties?

‘Vorig jaar is het vooral het initiatief geweest van Lieke en Zoë. Op het dienstencentrum, toen er versiersels voor de boot moesten worden besteld, kregen wij pas te horen dat er meegevaren zou worden. De eerste keer was het vrij bescheiden. We stonden met ongeveer veertien man op de boot, maar het was een gigantisch feest. Een warm bad van sympathie en enthousiasme waar je doorheen vaart. In Utrecht zijn de grachten zo smal dat je de mensen aan de kant bijna een hand kunt geven. Dat is echt fantastisch. Veel leden van ons genootschap waren vanuit het hele land naar Utrecht gekomen om ons vanaf de kant toe te juichen. Dat stak ons een hart onder de riem. Na afloop hebben we direct afgesproken dat we volgend jaar, aanstaande zaterdag dus, weer mee varen. Dit keer hebben we een grotere boot. Het is een platbodem waar 40 man op kan.’