Rechtszaken waarbij vrouwen door hun ex-partner worden vermoord, komen veel meer in de media, zo ook die van Laura Korsman. Vorig jaar 11 juli werd zij vermoord aangetroffen in haar woning. De ex-vriend van Laura, Zamir M., heeft haar gestalkt en meerdere keren lastig gevallen, Laura had zelfs een alarmknop in haar huis voor als M. weer bij haar in de buurt probeerde te komen, M. had een contactverbod. Zamir M. wordt er van verdacht Laura vermoord te hebben. Op 14 mei kwam de rechtszaak voor en werd de strafeis voor de verdachte, 18 jaar tbs met dwang onderbouwd.

De zaal zit helemaal vol als de verdachte binnen wordt gebracht. Hij kijkt de mensen in het publiek stuk voor stuk aan en gaat vervolgens zitten, samen met zijn raadsman. De drie rechters en griffier volgen en openen de zitting met een korte inleiding. De ouders van Laura zijn niet aanwezig in de zaal, maar volgen de rechtszaak via een videoverbinding. Laura’s broer daarentegen, is er wel.

De voorzitter van de rechtbank windt er geen doekjes om. ‘Ik zal maar meteen beginnen met de eerste vraag, die voor de hand ligt: heeft u Laura Korsman omgebracht?’ De voorzitter kijkt de verdachte strak aan. Er klinkt een diepe zucht in de microfoon. De verdachte brengt heel zacht uit: ‘Het is uit de hand gelopen, daarom is er een dodelijk slachtoffer gevallen.’ De voorzitter gaat hier dieper op in: ‘Wat is er gebeurd?’ Er klinkt zacht gepraat, M. antwoordt: ‘Er is iets gebeurd wat ik niet kan bevatten, het is verschrikkelijk wat er gebeurd is.’

De verdachte geeft onduidelijke antwoorden op de vragen die de rechter hem stelt. Hij praat vaak in de ‘men’ en ‘iemand’-vorm, in plaats van ‘ik’ en ‘wij’. De rechters vragen meerdere malen wie hij bedoelt met ‘Men raakte in een worsteling’. Waarmee hij zichzelf en Laura bedoelt.  M. vertelt dat hij de nacht voor de moord verschillende drugs en alcohol door elkaar gebruikt zou hebben en zo in ‘een hele andere dimensie’ was. Omdat hij onder invloed was voelde het voor M. als ‘thuiskomen’ toen hij in de ochtend na deze wilde nacht Laura’s woning binnenstapte. Volgens de verdachte hebben hij en Laura eerst een normaal gesprek gehad voordat de worsteling ontstond die resulteerde in Laura’s dood.

M. beweert dat Laura, nadat ze in een worsteling raakte, zichzelf twee keer heeft gestoken en dat deze twee steekwonden, van de vele die ze had, fataal waren. De andere steekwonden kon de verdachte niet verklaren, zijn antwoord hierop was: ‘Het werd zwart voor mijn ogen, ik weet niet meer wat er gebeurd is na die twee steken.’

De verklaring van de ouders van Laura wordt na de ondervraging voorgelezen. De hele zaal is muisstil. Aan de linkerkant van het publiek klinkt er gehuil en gesnik. Nadat de verklaring is voorgelezen zegt M.: ‘Ik hoop dat ze een mooi plekje heeft in de hemel.’

De openbare aanklager vindt het verhaal van M. erg onwaarschijnlijk en ongeloofwaardig. ‘U hebt Laura doodsbang en ongelukkig gemaakt al die tijd dat u haar stalkte. U was constant dichtbij haar in de buurt en kon het niet hebben dat ze u niet meer wilde. Ik zie deze situatie niet als doodslag, maar moord met voorbedachte rade.’ Het OM vult met bewijsmateriaal de uitspraak aan. ‘U had een handschoen aan voordat u haar woning binnen ging en hebt ook nog eens drie uur gewacht voordat ze alleen thuis was om haar te benaderen. Het mes dat is gevonden kwam uit een messenset uit uw garage en daarnaast zijn er bij Laura steekwonden in de rug gevonden, wat wijst op een onverwachte aanval. Ook heeft u zich na de worsteling omgekleed. Door de houding die u de gehele zitting al heeft, zonder berouw en zonder spijt, ben ik op een hogere strafeis uitgekomen. Ik eis 18 jaar tbs met dwang voor deze misdaad.’

Het is stil in de zaal. De mensen kijken elkaar aan. Nadat de strafeis bekend is, klinkt er wat geroezemoes bij het publiek. Hier en daar een zucht. Op 4 juni zal M. veroordeeld worden.