Eric en Esther van der Zee staan elke vrijdag op de stoep bij de Syrische familie Jamal Aldine. Ahmed en Raghad, de ouders van dit gezin, krijgen dan taalles. De Syriërs wonen nu een jaar in Nederland en hebben het geluk gehad dat zij via Amnesty International les konden krijgen van de familie van der Zee.

Op een zaterdagochtend rond elf uur staan Eric en Esther voor de eengezinswoning. Het is bewolkt en het waait hard. De deur gaat open en Ahmed en Raghad begroeten ze met lachende gezichten. Raghad zet koffie en Ahmed vertelt een verhaal over een manier hoe hij opnieuw haar wil krijgen. De aanwezigen horen dit lachend aan. Dan komt Marissa in een roze pyjama binnen. Zij is het zesjarige dochtertje van Ahmed en Raghad. Ze geeft iedereen een knuffel en dan gaat Esther de haren van het kleine meisje vlechten. Ook Nasser (9) komt even snel hoi zeggen. Maar dan gaat het zoontje weer snel naar buiten om met zijn vriendjes uit de buurt te voetballen. Marissa is naar een vriendinnetje uit de straat gegaan om haar nieuw ingevlochten haren te laten zien.

Esther van der Zee vlecht de haren van Marissa

Als de koffie eenmaal geserveerd is en de koekjes op tafel staan, halen ze de boeken erbij. Vandaag beoefenen ze het voltooid deelwoord. Esther helpt Raghad en Eric helpt Ahmed. IJverig wordt er geschreven. Na een tijdje pakt de mannenhoek de telefoon erbij zodat er afwisseling vindt tussen het schrijven en het horen en spreken. Ze maken zinnen als “Ik heb lekker gegeten.”

Na het spreken last het gezelschap een pauze in. Er komt nog een rondje koffie en het gaat over geloven. De Islam wordt vergeleken met het Christendom en het Jodendom en zo komen blijkt dat de benaming van profeten eigenlijk overal erg op elkaar lijkt zo is de profeet Ismaël in het Joods gewoon Samuel. Ook gaat het nog over de Ark van Noah. Lachend bespreken de families wie er wel en niet met hen mee op de boot mag komen. Ahmed zegt:” Joke uit de straat sowieso niet.” Daarna scheiden de mannen en de vrouwen zich weer van elkaar om verder te oefenen met het voltooid deelwoord.

Esther van der Zee zegt:” Het is zo fijn om deze taallessen te geven, normaal gesproken krijgen ze dit alleen op school, maar daar ligt het tempo erg hoog en de kwaliteit van de lessen is niet altijd goed.” Esther doet dit volledig vrijwillig, normaal is ze secretaresse van de directeur van Icco, een bedrijf in ontwikkelingshulp. Ze zegt dat ze altijd een bewust persoon is geweest en vindt het belangrijk om te zorgen voor de medemens. Ze werkt als vrijwilliger voor Amnesty International en ze geeft taalles aan deze Syriërs.

Ook Ahmed is erg blij met de hulp van de Nederlanders. Hij woont nu samen met zijn gezin een jaar in Nederland nadat hij via Libanon is gevlucht naar Nederland.
Hij vindt het lastig om de Nederlandse taal onder de knie te krijgen, ook al doet hij hard zijn best. Zelf zegt hij:” Vooral de grammatica vind ik erg lastig.” Op mijn oude school in Utrecht had ik een vervelende docent die erg negatief was als ik iets niet goed deed.” Ahmed gaat nu naar een nieuwe school in Utrecht Overvecht om zijn Nederlands niveau van A1 naar A2 te tillen.

Eric van der Zee helpt Ahmed met het voltooid deelwoord

Bij Raghad gaat het het leren makkelijker. Ondanks de negativiteit van haar docent heeft zij haar niveau wel op A2 weten te krijgen. Zij gaat daarom ook door op haar school in het centrum van Utrecht.

Ahmed en Raghad hebben geluk met de hulp van de familie van der Zee die wekelijks over de vloer komen. Echter hebben niet alleen de Syriers geluk met deze hulp. De meeste vluchtelingen hebben niet het geluk dat er naast de normale taallessen van hun school ook nog een of meerdere personen extra taallessen geven. Het scheelt ook de overheid een hoop geld en tijd. Door deze hulp met taal, maar ook met bijvoorbeeld boodschappen doen gaat de inburgering sneller, wat kosten voor de taalcursus verkleint. Voor de taalcursus wordt namelijk een bedrag uitgeleend door de Nederlandse staat wat nu veel lager is, omdat er minder geld nodig is. Het bedrag van maximaal 10.000 euro krijgt de overheid niet terug als de cursist binnen drie jaar een inburgeringscursus heeft voltooid. Het geleende bedrag mag de cursist alleen uitgeven aan taallessen. Ook kunnen mensen als Ahmed en Raghad sneller op zoek naar een baan, wat weer winstgevend is voor de Nederlandse overheid.