In de bibliotheek van Utrecht wordt er elke derde vrijdag van de maand een middag concert gegeven. Dit wordt verzorgd door studenten van het Utrechts Conservatorium. Dit keer zijn de violisten Miriam Olsen en Veerle Schütz aan de beurt. De twee dames hebben een gevarieerd repertoire, maar vandaag hebben ze ervoor gekozen om vioolstukken van onder andere Prokofjev en Bartók te spelen.

Het concert vindt plaats op de bovenste etage van de bibliotheek en zal om drie uur starten. Een kwartier van te voren is het nog rustig, maar zodra er vijf minuten van te voren door de luidsprekers wordt omgeroepen dat het bijna gaat beginnen, stromen de mensen binnen en zoeken een plekje uit. Het wordt zelfs zo druk dat er nog extra stoelen bijgezet moeten worden. Dan stipt om drie uur beginnen de violisten te spelen, ze beginnen met een duet uit de twintigste eeuw, dat bedoeld is voor jong en oud. Dit zijn ook de leeftijden die in het publiek te vinden zijn, alhoewel de allerkleinste minder aandacht hebben vanaf het begin, zij kruipen vrolijk tussen alle stoelen door.

De dames beginnen met rustige nummers, ze krijgen als snel hun eerste applaus, daarna geven ze aan dat ze verder gaan met de muziek van de Russische componist Prokofjev. Dit zijn stukken waarin droevig en vrolijk tegen elkaar ingaan, ondertussen luisteren de mensen aandachtig. Tussen de stukken door spreekt violiste Veerle ons toe, ‘’We gaan nu wat spelen van Bartók, hij heeft veel geschreven. We gaan drie stukken van hem spelen en alle stukken heeft hij opgedragen aan iemand waardoor hij geïnspireerd werd.’’ De dames spelen gefocust en met veel passie. Dit merkt het publiek ook en daarom krijgen ze wederom weer een groot applaus als ze weer een paar stukken hebben gespeeld. Als er zo’n vijftien minuten voorbij zijn verstreken, merk je dat een deel van het publiek steeds onrustiger wordt er komt iets meer gefluister doorheen, maar de andere helft luistert nog steeds aandacht naar het spel dat de dames opvoeren. De meiden spelen zo mooi, dat de tijd vrij snel gaat en ze al snel bij de laatste stukken zijn aangekomen.

Veerle: ‘’We sluiten het concert af met ook een stuk uit de twintigste eeuw, maar dit is iets vrolijker. Deze muziek is van Dmitri Sjostakovitsj, hij staat niet bekend om zijn hele grote muziek. Hij schreef voornamelijk muziek over de oorlog. Dit stuk wat wij gaan spelen gaat daar niet over. Wat wij gaan spelen hoort officieel ook niet bij hem, maar hij heeft met toestemming ervoor kunnen zorgen om dit tot vijf leuke deeltjes te maken. Het eerste en het vijfde deel komen eigenlijk uit filmmuziek en het tweede en het derde deel komen uit orkesten.’’ Dat het vrolijker is merk je gelijk aan de gezichten van de mensen, er komen glimlachen op de gezichten, er wordt zelfs  bij een stuk gelachen op het einde, omdat ze afsluiten met een grappige toon. Kinderen proberen zelfs een beetje mee te dansen op het ritme. Om stipt half vier is het middagconcert ook weer afgelopen, er volgt nog een lang en luid applaus voor de dames. Ze buigen en bedanken het publiek en lopen dan weg. Een medewerker van de bibliotheek bedankt het publiek ook, ‘’’Bedankt dat jullie er waren, het is te zien dat jullie hebben genoten. Ik zie jullie graag volgende maand weer terug voor een nieuw middagconcert. Tot ziens.’’

Er blijven nog een aantal mensen zitten en ze praten nog wat met elkaar na. Ans: (61) ‘’Ik heb ervan genoten, het is leuk dat het samenspel zo mooi is.’’ Op de trappen onderweg naar de uitgang, hoor je ook veel positieve geluiden. Mensen vertellen aan elkaar, dat ze echt genoten hebben en blij zijn dat ze zijn geweest.