UTRECHT – Meditatiecentra, tijdschriften voor een gebalanceerd leven en talloze Boeddha’s in Nederlandse huishoudens. Het westers boeddhisme lijkt niet meer weg te denken in onze huidige samenleving. Ook in Utrecht is er een meditatiecentrum te vinden, waar ze zich toespitsen op het Diamantweg Boeddhisme.

Zelfs in Azië zijn er kloosters te vinden die zich richten op de westerse boeddhist. Zo zijn de chanten, wat het half opzingen van Boeddhistische teksten inhoudt, in het Engels. Er is al sinds 1978 een overkoepelende organisatie in Nederland actief die verschillende boeddhistische stromingen samenbrengt: de Boeddhistische Unie Nederland. Wat maakt het boeddhisme zo opkomend in Nederland?

Sander Ossevoort is actief bij een meditatiecentrum in Utrecht van het Diamantweg Boeddhisme. Bij dit meditatiecentrum komen wekelijks mensen bij elkaar om samen te mediteren en informatie uit te wisselen over het boeddhisme. Terwijl Ossevoort aanschuift in de lichte, open ruimte biedt hij meteen koekjes en thee aan. Onder genot van een kopje koffie en een koekje vertelt hij over de meerwaarde van het boeddhisme en mediteren.

“Boeddhisme betekent voor mij in één woord vrijheid. Meditatie geeft je bovendien de mogelijkheid om te werken met je eigen kwaliteiten en mogelijkheden om iets nuttigs te doen in de wereld. Die mogelijkheid is er alleen op het moment dat je genoeg ruimte hebt in je eigen geest”, vertelt Ossevoort nadenkend. “Als je druk bent met overleven, zoals heel veel mensen in de wereld, is er weinig ruimte om iets te doen voor een ander.”

Hij neemt een slokje van zijn koffie en vervolgt zijn verhaal. “Zoals je om je heen ziet, zijn niet alle wezens hetzelfde en ervaren en voelen mensen verschillende dingen. Maar alle wezens hebben gemeenschappelijk dat ze op zoek zijn naar geluk en leed willen vermijden. Dat we niet constant het vurig gewenste geluk ervaren heeft vanuit boeddhistisch oogpunt te maken met onwetendheid. We weten niet hoe dingen werken, dus doen we alles om maar geluk te ervaren, zowel positieve als negatieve dingen. En omdat we niet precies weten wat we doen en wat de consequenties zijn, werken we onszelf soms in de nesten.”

Ossevoort benadrukt dat er bij het boeddhisme geen God aanwezig is die straft of creëert. Mensen worden binnen het boeddhisme gezien als vrije wezens en mensen bepalen zelf hoe hun leven eruitziet. Boeddha heeft ontdekt dat alles wat we doen een gevolg heeft: de zogeheten “Wet van oorzaak en gevolg”, ook wel bekend als karma. “Dit betekent in positieve zin dat we baas zijn op ons eigen schip”, aldus Ossevoort.

“Boeddha’s advies is teruggaan naar de basis, in plaats van meegetrokken worden door emoties en gedachtes. Wij zijn niet ons lijf of onze gevoelens. Als je hierop inzoomt, zijn het steeds dingen die komen en die we op dat moment voelen, maar wat we vergeten is dat deze verdwijnen. Dit zijn dingen die komen en gaan. Maar goed, als dingen komen en gaan, moeten we ons afvragen hoe betrouwbaar deze zijn. Dit ontdekte Boeddha door middel van meditatie.”

Meditatie kent verschillende vormen. Zo is er onder andere concentratie-meditatie, objectvrije meditatie, transcendente meditatie en Vipassana-meditatie. Bij de laatstgenoemde vorm, Vipassana-meditatie, wordt de geest getraind om zich bewust te zijn van de veranderlijkheid van lichaam en geest, wat aansluit bij wat Ossevoort vertelt over het verdwijnen van gevoelens en emoties.

“Meditatie heeft een hele praktische functie. Het is een gereedschap dat wij gebruiken om in het midden van de storm te komen, en daardoor slimmer kunnen handelen en minder vanuit storende gevoelens.” Het midden van de storm zijn volgens hem de stortvloed aan gedachten en emoties. Op zijn sokken betreedt Ossevoort naderhand de meditatieruimte. De meditatieruimte in het centrum straalt dan ook rust uit. De inrichting beperkt zich tot kussens, kaarsen en een aantal foto’s.

“Wij mensen hebben alle kwaliteiten, maar het ontbreekt ons aan het vertrouwen in onszelf omdat we in het verleden zo vaak onze neus hebben gestoten. We moeten in ons potentieel duiken en hierop vertrouwen. We moeten vertrouwen en inzicht afwisselen en op een gegeven moment laten we ons niet meer per se leiden door storende gevoelens omdat deze toch weer verdwijnen. Wanneer dat gebeurt, zijn we vrij. Boeddha zei ook niet voor niets: “zoals de oceaan smaakt naar zout, smaakt mijn leer naar vrijheid”