’s Avonds filosofische gesprekken in buurthuis De Beatrix over verschillende aspecten van het leven. Het kan elke donderdag in Zuilen. Elke week is er een nieuw thema, met deze keer het onderwerp ‘stuntelbiecht’.

Deelneemster van het filosofische gesprek, Carole, staat voor een dichte deur als filosoof Guido Bik op de fiets aankomt. Hij tikt snel de code van de deur in zodat ze snel naar binnen kan. Ze loopt het buurthuis – wat tevens ook een basisschool is – binnen waar het gesprek plaatsvind. ‘Je kan alvast naar de eerste verdieping gaan, aan de linkerkant zit het lokaal waar we gaan praten, ik pak nu alvast wat kopjes,’ Guido gebaart dat ze de trap op moet lopen. In het basisschoolgebouw is het tamelijk koud. Wel heel levendig, rond dit tijdstip worden er ook muziek- en kooklessen gegeven, er klinkt hard gelach en vrolijk geschreeuw uit verschillende klaslokalen.

Iedereen uit de buurt kan meedoen aan het filosofische gesprek. Als Carole het filosofische lokaal binnenkomt, zitten er al twee mensen klaar aan de lange houten tafel die pontificaal in het klaslokaal staat. Een man rond de 35, Marcel, hij is netjes gekleed, met een bril op zit aan de linkerkant van de tafel. Aan de rechterkant van de tafel zit er een 65-jarige vrouw met rood haar, genaamd Elly. Bik loopt binnen met een dienblad, met daarop kopjes en wat drinken. Hij haalt een doos met spritsen uit z’n tas, breekt ze in tweeën en legt ze in de bakjes die hij op tafel heeft gezet. Het is koud in het lokaal. Bik schenkt koffie en thee in. De filosoof staat op en schrijf het woord ‘stuntelbiecht’ op het whiteboard voorin de klas. ‘Vandaag gaan we het hebben over de stuntelbiecht,’ legt de filosoof uit, ‘We hebben het de vorige keren al gehad over stuntelen, want wat is dat nou? Wij kwamen er een beetje op uit dat stuntelen een manier is om door te leven te gaan, het maar over je heen laten komen en kijken waar het op uitkomt.’

De deelnemers gaan met z’n allen in gesprek over de stuntelbiecht. Iedereen moet met een eigen voorbeeld van een situatie komen uit zijn of haar leven waarbij hij of zij gestunteld heeft. Marcel komt met het verhaal over zijn studie, dat hij vroeger eigenlijk nooit wist wat hij moest gaan doen. Hij heeft toch zijn studie management gedaan en het is eigenlijk wel allemaal goed gekomen, maar hoe komt dat? Daartegenover vertelt Elly haar over dat ze nu eindelijk pensioen heeft, en zou moeten “genieten”, maar niet goed weet hoe. De verhalen lopen ver uit elkaar, elke persoon die meedoet aan het filosofische gesprek zit in een andere levensfase.

Terwijl iedereen zijn eigen verhalen vertelt, stellen de anderen vragen. Zo gaan ze elk verhaal af en stelt Bik vragen aan de deelnemers die hen laat nadenken denken over waarom wij zo gereageerd hebben. Hier hebben de deelnemers niet altijd een antwoord op. Af en toe valt er een stilte als er een lastige vraag wordt gesteld. Marcel neemt tussendoor hapjes van zijn sprits, terwijl het bakje met de koekjes aan de vrouwenkant vol blijft.

Bik schrijft alles wat gezegd wordt op het bord, om zo tot de kern van het denken te komen. Dit is af en toe ook wat emotioneel. Elly valt op gegeven moment stil als de deelnemers filosoferen over genieten na het pensioen. ‘We hebben het nu wel weer genoeg over mij gehad,’ zegt ze dan en grinnikt een beetje omslachtig.

Na lang over genieten na het pensioen gesproken te hebben, bespreken we de stuntelbiecht van Carole. Over stranden op een luchthaven in Venezuela en geen Spaans kunnen spreken (zo’n veertig jaar geleden). Aan deze stuntelbiecht van Carole wordt veel tijd besteedt. Marcel stelt veel vragen, die Bik opschrijft en verwerkt in de filosofie rondom de term stuntelbiecht. Elly knikt vooral en stelt af en toe vragen ter verduidelijking. Het gesprek blijft erg lang doorgaan, het loopt zelfs een halfuur uit. Als de filosoof het gesprek afrondt is het even stil. Elly kijkt vervolgens iedereen aan en zegt dat: ‘Dat was een mooi gesprek.’