UTRECHT – Karin Heesakkers is sterrenkundige van beroep. Zij is medeverantwoordelijk voor het organiseren van de tentoonstelling ‘Spoorzoeken op Mars’ in Sonnenborgh. Daarnaast heeft zij ook een lesprogramma ontwikkeld voor basisschoolkinderen en leraren.

Karin, je hebt astronomie gestudeerd aan de Universiteit Utrecht. Waarom heb je voor die opleiding gekozen?

 ‘’Ik vind het heelal heel fascinerend. Toch vond ik de opleiding helemaal niet interessant. Zo had ik verwacht en gehoopt dat er veel meer filosofie bij kwam kijken. Helaas was dit niet het geval en was de opleiding heel erg gericht op wiskunde en natuurkunde. Daarom ben ik na de opleiding meteen de ICT ingegaan. Ik was bang dat ik heel eenzaam zou zijn als ik als sterrenkundige zou werken. Ik ben echt een mensenmens dus dat moest ik niet hebben.

Tegenwoordig geef ik veel gastlessen op basisscholen. Ik geef dan uitleg over het heelal. Hierbij merk ik dat kinderen eigenlijk veel vragen stellen over het geloof. Dat was in het begin best even raar want je komt een les sterrenkunde geven en kinderen gaan je dan vragen stellen over bijvoorbeeld de hemel. En in de loop der tijd merkte ik dat ik het steeds interessanter vond hoe mensen denken. Daarom volg ik nu ook een psychologieopleiding.’’

Dat is best een verrassende combinatie. Dus als ik het goed begrijp, koppel je psychologie en sterrenkunde aan elkaar?

‘’Ja dat klopt eigenlijk wel. Wanneer jij weet welke overtuigingen je bij je draagt en deze onder de loep kan nemen en ook nog eens goed op kan reflecteren, dan wordt je een aangenamer mens. Je gaat dan veel meer openstaan voor andere mensen. Hiermee zal je eerder vragen stellen aan bijvoorbeeld mensen die iets anders geloven. Het wordt dan makkelijker om met deze mensen in gesprek te gaan. En dan is denk ik al op jonge leeftijd aanwezig.’’

Je werkt dan ook veel met jonge kinderen. Je bent onder andere verantwoordelijk voor een aantal tentoonstellingen. Hier probeer jij de vertaalslag te maken om het voor kinderen begrijpelijk te houden. Hoe maak je het voor deze kinderen toch zo makkelijk mogelijk?

 ‘’Dat is best lastig om te doen. Maar ik heb verschillende modellen gemaakt om het overzichtelijk te houden en ervaringen op te roepen. Zo neem ik zelf altijd een groot doek mee van drie meter in het rond. Het doek moet dan de zon voorstellen. Dan leg ik uit dat de aarde maar drie centimeter is. Daarmee wordt het, vind ik, pas echt duidelijk hoe klein de aarde daadwerkelijk is. Ik probeer dus veel te visualiseren.

Tegelijkertijd laat het ons zien hoe goed we op onze aarde moeten passen. Vanuit de ruimte gezien stellen onze landsgrenzen niks voor. Daarom moeten we samenwerken om de aarde zo goed mogelijk te verzorgen.

Ook kinderen weten al heel goed dat er dingen moeten veranderen. Misschien nog wel beter dan hun ouders. Zo had ik laatst een goed gesprek met kinderen over de het kappen van bossen in Zuid-Amerika. De kinderen kwamen er zelf mee dat wij hier in Europa niet zomaar mogen zeggen dat zij moeten stoppen. In Europa zijn ook veel bossen gekapt.’’

Je heb nu in verschillende sectoren gewerkt. Je hebt sterrenkunde lessen gegeven aan kinderen. Leraren vertelt hoe zij zelf sterrenkunde lessen kunnen verzorgen. Blijf je dit werk doen tot aan je pensioen?

 ‘’Ik denk dat ik steeds minder voorlichting ga geven aan kinderen. Graag wil ik me steeds meer toespitsen op het voorlichten geven aan leerkrachten. Daarbij gaat het dan vooral om de onderzoekende houding te durven uitstralen richting de kinderen. En in het ideaal beeld ga ik dit soort voorlichten geven in het bedrijfsleven. Misschien dat ik toch weer terug ga naar de ICT-kant waar ik tien jaar gewerkt heb om ook daar op innovatieve wijze diezelfde onderzoekende houding door te geven.’’

Dat klinkt alsof er nog een hele weg voor je open ligt. Ik wil je heel veel succes wensen met je plannen.