Afgelopen donderdag deed Tara Scally, GroenLinks raadslid van de gemeenteraad van Utrecht, een iniatiefvoorstel aan de raad. Het plan is om de Utrechtse aanpak van integratie van ongedocumenteerde immigranten waarvan een eerste asielaanvraag is afgewezen uit te breiden. Bovenop de bed, bad, brood en begeleiding komen dan nog cursussen en praktijkleertrajecten.

Scally meende in de raadszaal dat een dergelijke investering zich op lange termijn zeker zal terugverdienen, omdat het de doorstroom naar een echte baan bevordert, en hier zouden zowel de stad als de ongedocumenteerde immigranten baat bij hebben. Ook zou volgens haar de inburgering soepeler gaan als ze na al die jaren een verblijfsvergunning krijgen of terug moeten naar hun eigen land om daar een baan te vinden.

Naar het huidige rijksbeleid mogen immigranten zonder verblijfsvergunning beperkt zelfstandig werken en/of wonen, om kans op banen of een woning voor Nederlanders te beschermen. Wel hebben ongedocumenteerden wegens Nederlandse afspraken met de VN recht op voorziening in basisbehoeftes, in Utrecht uitgevoerd in de vorm van de bed, bad, brood regeling. Dat zorgt ervoor dat ze, om te overleven, enkel gebruik kunnen maken van overheidsbijdrages. De grootste vraag was dus of dit voorstel niet teveel zou kosten. In het voorstel meldt Scally dat uit onderzoek en praktijkervaring blijkt dat het investeren in een toekomstperspectief van ongedocumenteerden bijdraagt aan de integratie van hen die uiteindelijk wel een verblijfsvergunning krijgen en ook helpt bij het opdoen van kennis en ervaring waardoor ze meer perspectief hebben als ze moeten terugkeren naar het land van herkomst.

Ook zou er een belangrijk humaan aspect zijn aan het voorgestelde initiatief. Vanwege de beperkte mogelijkheid tot werken, hebben ongedocumenteerde immigranten een duister toekomstperspecief. Dat heeft een slechte invloed op hun mentaal welzijn. Volgens het voorstel ‘draagt werken aan kennis en vaardigheden die in ieder toekomstscenario waardevol zijn, bij aan een verbetering van hun weerbaarheid en pyschisch welbevinden.’.

Volgens Scally is het niet aan de gemeente om de uitvoerende rol te spelen. Lokale vluchtelingenorganisaties zijn door hun kleinschalige en daardoor persoonlijke aanpak beter in staat om mensen te helpen. De gemeente moet dienen als schakel tussen lokale organisaties, het rijk en andere partners. Het potentieel van kleine niet-gouvernementele organisaties zou onvoldoende worden benut, en dit voorstel zou ze een prominentere rol kunnen geven in de vorm van begeleiding van ongedocumenteerde immigranten. Zo kunnen de immigranten dan aan de slag met bijvoorbeeld meubels maken, auto’s monteren of lassen.

Niet iedereen is even blij met het voorstel. Zo liet Marco van Vliet, een bewoner van Utrecht Oost weten: ‘De Utrechters die het hard nodig hebben zouden eerst moeten worden geholpen. Maar die worden nu aan hun lot overgelaten.’ Het initiatiefvoorstel wordt de eerstvolgende commissievergadering behandeld, en dan zal er zowel een nadere toelichting als een reactie op bezwaren plaatsvinden.

Het voorstel gaat door de raad besproken worden als onderdeel van de bed, bad, brood en begeleiding-aanpak. Als het aangenomen wordt, is het daarna aan het college van bestuur om cursussen en praktijkprojecten op te zetten in samenwerking met verschillende initiatieven uit de stad. Als opstartkosten zou er rond de 13.000 euro vrijgemaakt moeten worden uit het vreemdelingenbudget, om samenwerkingsverbanden op te zetten en externe partijen te motiveren om mee te werken. Voor 1 juni moet het college dan verantwoording afleggen aan de raad met betrekking tot de vooruitgang van het project.

Tara Scally draagt in de raad bij aan onder andere de portefeuilles maatschappelijke opvang, diversiteit en vluchtelingen. Ze zet zich al jaren in voor een betere wereld waarin iedereen gelijk behandeld wordt, onafhankelijk van je achtergrond of waar je bent geboren. Ze zet zich in voor verschillende fair-trade organisaties en heeft haar eigen tassenmerk waarmee ze vrouwen in armere landen wil helpen om een eerlijk loon te ontvangen.