Nog maar weinig studenten kiezen voor religiewetenschappen. Want tegen de 55.000 eerstejaars zijn de 109 bij religiewetenschappen een schijntje. De Universiteit Utrecht (UU), nu ook een kleine speler, komt jaarlijks bij de studie religiewetenschappen en theologie gecombineerd op de vijf à tien eerstejaars uit. Chiel Keidel (21) is één van de vier tweede jaars studenten van de studie en verteld waarom hij Religiewetenschappen is gaan studeren, zijn verbinding met religie en waarom hij de studie onmisbaar vindt.

Waarom ben je religiewetenschappen gaan studeren?

Ik heb altijd al interesse in religie gehad. Ik ben aan de Universiteit van Utrecht begonnen met Taal en Cultuur studies en had toen al wat vakken van religiewetenschappen gevold. Toen ik moest stoppen met Taal en Cultuur studies omdat ik mijn BSA niet had gehaald, was de overstap naar Religiewetenschappen snel gemaakt. Ik vind het heel interessant hoe mensen doormiddel van religie zo veel vorm geven aan hun leven. Ik vind het interessant hoe religie zowel goede als slechte dingen kan verstrekken. Zo veel kracht in zich heeft.

Wat is je eigen verbinding met religie?

“Ik ben niet religieus opgevoed maar heb altijd al wel buitengewoon geïnteresseerd geweest in religie, hoewel ik mezelf wel meer als atheïst zag. Sinds twee jaar ongeveer zou ik mezelf wel als religieus beschouwen, maar in welke dogma’s en in welke traditie ik me wil scharen, dat weet ik nog niet echt. Ik heb nog niet helemaal mijn weg gevonden, dus ik zou ook niet kunnen uitsluiten dat ik er over vijf jaar helemaal klaar mee kan zijn, maar dat verwacht ik eigenlijk niet.”

Heeft je studie je visie op religie veranderd?

“Absoluut. Ik vond het heel bijzonder, omdat het een opleiding is, was ik er niet in gegaan met het idee dat het mijn persoonlijke visie zo zou veranderen. Natuurlijk weet je wel dat het studeren van religiewetenschappen wel invloed op je zou hebben. Je leert immers een bepaalde vorm van kijken aangeleerd. Maar ik wist niet dat de studie zo erg mijn bril op de hele wereld zou veranderen. Ik zie nu overal religie en heb een hele andere kijk op de wereld gekregen.

“Ik denk niet dat mijn studie mij echt geloviger heeft gemaakt maar gewoon meer heeft laten nadenken over religie. Door erover na te denken, lezen en praten met andere mensen ben ik zelf meer religieus geworden. Wat dat dan ook maar mag betekenen. Het leek mij ineens logischer om in een god te geloven. Dat had ik daarvoor niet als optie gezien. “

Hoe heeft het je kijk op de wereld veranderd?

“Omdat we bij religiewetenschappen ons heel erg moeten inleven in iemand anders, ga je andere manieren van denken meer begrijpen. Voor mijn antropologische veldonderzoek, ben ik naar de Hare Krishna’s geweest. Omdat je participerende observatie moet doen, word je echt opgenomen in hun wereld. Omdat daarna weer los te koppelen en zo objectief en wetenschappelijk als mogelijk het te bekijken. Het op een niet alleen natuurwetenschappelijke manier, kijken naar de wereld heeft mijn mindset helemaal veranderd.”

Is dat ook iets wat je ziet bij andere mensen die religiewetenschappen studeren?

“Minder, Ik kan natuurlijk niet in andere hoofden kijken, maar het valt niet op dat andere mensen ook zo’n soort switch hebben gemaakt. Iemand van mijn studie was bijvoorbeeld heel strenggelovig en die is dat nu nog steeds. Bij vakken over de ontstaansgeschiedenis van de bijbel, waar een andere theorie werd gegeven dan de hare, merkte je dat zij heel erg vasthield aan wat zij in de kerk had geleerd. Ik denk dat de studie voor de meeste studenten hun eigen geloof dus niet echt veranderd. “

Zijn het voornamelijk religieuze of niet religieuze mensen die dit gaan studeren?

“De meeste mensen die ik ken van mijn studie zijn zelf niet gelovig. Wel zijn het vaak mensen met een bepaalde religieuze achtergrond. Door bijvoorbeeld religieuze ouders of opa en oma’s, hebben ze contact met religie gehad wat hun interesse heeft opgewekt.”

Vind je jouw studie onmisbaar in onze samenleving?

“Ik denk dat religiewetenschappen heel nuttig is omdat het een brede kijk is op alle verschillende religies. Je ziet dat spanningen vaak voortkomen of veel te maken hebben met religie. Als je dat wilt gaan de-escaleren, is het belangrijk dat je ook weet waar mensen vandaan komen en waarom. Kennis is macht en ik denk zeker ook bij religie. En ik denk dat iedereen, ongeacht van welke context, welke cultuur of welke tijd, op een bepaalde manier bezig is met zingeving. Dat heeft natuurlijk alles met religie te maken. Je kunt dat natuurlijk ook buiten religie doen, maar dan zie je ook dat mensen vaak nog op typisch religieuze manieren met dingen omgaan. Wereldwijd zijn nog 90 procent van de mensen religieus. Als je in een bubbel leeft waarin religie ‘schijnbaar’ er niet zoveel toe doet, dan zie je denk ik heel veel over het hoofd als je geen oog hebt voor de rol van religie in alles.”

Wat was de grootste les van je ervaring met het bestuderen van religie tot nu toe?

“Dat niks waar je in gelooft of waar je van overtuigd bent vanzelfsprekend is. Alles wat jij ziet als standaard of normaal of over denkt van: “dat denkt toch iedereen” is niet vanzelfsprekend voor de ander. Dat is nergens zo. Zelfs over de meest simpele dingen van rechtst schrijven tot jouw beeld van de dood, niks is vanzelfsprekend. Het heeft echt mijn ogen geopend dat als je, je daar bewust van wordt, je heel veel kleine verrassinkjes en leuke dingentjes kan merken. Niet alleen bij de ander maar ook bij jezelf. Dat je door de ander weer wat van jezelf leert en door jezelf de ander weer wat leert en zo wat meer begrip kan krijgen voor alles.”

Heb je advies voor studenten geïnteresseerd in religiewetenschappen?

“Ik zou eerst bij jezelf te rade gaan, of je echt meer wilt weten over hoe religie in elkaar steekt. Als je zit te wachten dat we precies gaan vertellen hoe religie hoort te zijn en wat het is, dan is de studie misschien niet voor jou. Mocht dat niet het geval zijn, dan zou ik de studie zeker aanraden en je gewoon openstellen voor alle mooie inzichten die tot je zullen komen.”