Na 10 jaar contractmanager te zijn geweest bij Oracle en bol.com werd het tijd voor iets anders. Anabelle Noordewier (46) nam ontslag en begon haar eigen winkel: no vintage phobia, ‘the fear of running out of vintage’. Een tweedehands- en vintagewinkel. Ruim anderhalf jaar zit de winkel in op de Willemstraat 57, midden in wijk C. Hoe staat Anabelle tegenover duurzaamheid? En wat vindt ze van ‘fast fashion’?

Een vintagewinkel is wel iets anders dan contractmanager, hoe ben je hiertoe gekomen?

“Omdat ik al tien jaar een beetje hetzelfde deed. Ik was vijf jaar contractmanager bij Orcale, een Amerikaans softwarebedrijf. Daarna heb ik vijf jaar bij bol.com gewerkt en op het gegeven moment ga je op de automatische piloot werken. Dat is voor sommige mensen prima, maar voor mij is dat niet genoeg. Toen dacht ik: ‘Ik heb zo’n leuk leven, een leuke vent al bijna twintig jaar, twee leuke jongens, leuke vriendenclub, een huis, lieve familie en eigenlijk wilde ik het die laatste paar jaar ook goed hebben’. Ik miste de passie een beetje in mijn oude baan. Mode heb ik altijd al leuk gevonden, ik had een hele loods vol spullen en dat deed ik er gewoon bij. Ik ging naar lifestyle-events en dan ging ik gewoon lekker kleding verkopen en ouwehoeren. Ik hou van kletsen en gezelligheid. Ik vroeg me toen af wat ik eigenlijk wilde. Inmiddels was ik 46 jaar, gooi daar een beetje midlife bij en ik dacht; ‘Dit wil ik!’ Dus ik heb het gewoon gedaan, een eigen vintagewinkel. Ik vond het eigenlijk wel heel stoer.”

Dus je hebt nooit spijt gehad?

“Ik heb absoluut geen spijt. Ik mis wel mijn oude salaris, maar hopelijk kom ik met hard werken uiteindelijk wel weer op dat niveau! Soms mis ik wel mijn collega’s. Het werk hier is heel solistisch. Ik sta eigenlijk altijd in m’n eentje, geen geld voor personeel. Aan de andere kant, ik heb ook geen ‘gezeik’ meer. Het is ook wel heel fijn om eigen baas te zijn. Maar of ik spijt heb van de carrièreswitch? Zeker niet, ik ben heel erg blij met mijn beslissing. En niks is voor altijd.“

Hoe ben je op de naam ‘no vintage phobia’ gekomen?

“Wat grappig dat je dat vraagt! Ik krijg soms van die berichtjes binnen op Facebook met leuke grapjes en waarheden. Ik kreeg een heel simpel tekeningetje doorgestuurd met daarop een zwetend mannetje en daar stond ‘No vino Phobia’ op. En als ondertitel: ‘The fear of running out of wine’. Ik heb toen zo gelachen! Want als ik een feestje heb koop ik altijd veel te veel wijn in. Ik ben altijd bang dat ik te weinig heb. En toen kwam de naam dus. Beter goed gestolen dan slecht verzonnen, denk ik maar. Ik had het eerst met mijn vriendinnen besproken en die waren bang dat niemand de naam zou kunnen spellen. En toen dacht ik eigenlijk uit ‘arrogantie’, ik ga mij niet conformeren aan mensen die niet kunnen spellen! Als ze het een keer goed hebben opgezocht, desnoods met het kaartje ernaast, dan vinden ze mij de volgende keer ook wel weer. Dus ja: ‘The fear of running out of vintage’! Of ’geen angst voor vintage’, zo kan je hem ook interpreteren.”

Vintage- en tweedehandskleding is het hergebruiken van kleding, hoe erg ben jij bezig met duurzaamheid?

“Best veel, tweedehands kleding is natuurlijk erg duurzaam. Hoeveel water het kost om een spijkerbroek te produceren. Wanneer je tweedehands kleding koopt, bespaar je op je portemonnee, maar doe je ook wat goeds voor het milieu.”

Hoe sta je tegenover fast fahion?

“Ik vind het heel dubbel hoor. Ik snap die jonge meiden die iedere keer iets nieuws willen kopen best wel. Maar als ik het vergelijk met mijn vintage- en tweedehandsitems, dan stelt de kwaliteit van de kleding niet zo veel voor. Ik ging laatst bijvoorbeeld winkelen in een hippe winkel en ik zag alleen maar losse draden en losse manchetten. En dan weet ik gewoon dat het zo geleverd wordt en ’hop’ de winkel in, de schappen in gedouwd. Het is dus niet echt mijn ding, ‘fast fashion’. Ik heb zelf twee jongens en die mogen van mij niet naar de Primark. Het scheelt dat er geen vestiging in Utrecht zit, maar ik heb het liever niet.”

De Fashion week is net geweest, vind jij dat de Fashion Week meer op duurzaamheid moet gaan letten?

“Dat is helemaal langs mij heen gegaan. Ik weet wel dat duurzaamheid steeds ‘hipper’ wordt. Je hebt veel winkels, bloggers en stylisten die echt op duurzaamheid letten. Je hebt ook steeds meer initiatieven zoals: ’Koop een maand lang geen nieuwe kleding’. Ik proef wel dat duurzaamheid leeft. Soms nodig ik een styliste uit om kledingadvies te geven aan mijn klanten. Mirjam, die hier 19 oktober was, is ook heel erg met duurzaamheid bezig. Ik vind het leuk om dat soort mensen uit te nodigen. Zelf doe ik ook maar wat, ik heb natuurlijk wel oog voor wat leuk bij iemand staat. Alleen zij is echt een professional en is goed in wat ze doet. Ik vind dat heel leuk om te geven aan mijn bezoekers.”

Want je hebt zelf geen ervaring in de mode toch?

“Nee eigenlijk niet! Ik heb vroeger in de horeca gezeten en promotiewerk gedaan. Ik bracht sigaretten aan de man op kermissen en discotheken! Toen ik mijn studie moest kiezen heb ik wel naar zo’n opleiding gekeken in Amsterdam. Toen dacht ik eigenlijk uit snobisme: ‘Mode, wat kan je daarmee?’ Echt zo dom! Ik had gewoon toen al mijn hartje moeten volgen.”

Wat onderscheidt jouw winkel van de andere vintagewinkels in Utrecht?

“Ik denk omdat ik zo los en makkelijk ben. Mensen kunnen hier echt lekker komen praten. Ik zeg ook tegen ze: ‘Leef je uit, doe je ding’. Dat vind ik echt leuk. Maak lekker troep, ik ruim het wel op. Ik zit de mensen niet op hun lip. Mensen komen denk ik ook voor de gezelligheid en op zaterdagmiddag staat er een wijntje. Ook denk ik dat de combinatie van vintage en tweedehandskleding voor klanten aantrekkelijk is. Je kan terecht voor chique Prada en Givenchy, maar je kan ook het 5-euro rek leegpluizen.”

Wat voor een soort klant komt er in jouw winkel?

“Heel divers. Ik heb bijvoorbeeld de hipsters van de HKU, die voor een gekke print gaan, maar ook hele gewone dames, werkende meiden en zelfs ook hele chique dames, die voor de blingbling en de Michael Kors gaan. Dus eigenlijk is de winkel voor iedereen. En dat is ook wel fijn, want de winkel moet gewoon draaien. Ik kan niet alleen van hipsters of studenten leven.”

Koop je zelf ook kleding in?

“Nee, mensen brengen voornamelijk kleding naar mij toe. Ik koop ook soms partijen op. Heel veel van de vintage dingen komen uit een vintagewinkel in Den Haag, die was opnieuw begonnen, van een pop-up winkel naar een vaste winkel. En toen deed ze haar rest voorraad weg. Wat voor hun niet meer leuk is, is voor mij allemaal weer nieuw. Op Facebook heb je ook veel vintagekleding groepen, en die leveren nog wel eens partijtjes aan.”

Je bent er dus wel actief mee bezig?

“Ja, maar het voelt niet echt als werken voor mij. Ik kijk altijd ’s avonds eventjes online en ik kijk een beetje op internet. Je kan ook naar de groothandel, alleen dat vind ik echt te makkelijk. Dat klinkt stom, maar ik wil het zelf ook nog leuk hebben. Ik wil graag persoonlijke items hebben. Dat doe ik misschien als ik straks geen tijd meer heb. Maar ik vind het nu nog leuk om op allerlei manieren aan mijn kleding te komen. “

Wat maakt jou blij als persoon?

“Weet je wat mij blij maakt? Dat ik ’s ochtends op mijn fietsje naar mijn eigen winkel fiets. Vrijheid en gezelligheid maakt mij blij. Want mensen die shoppen zijn niet chagrijnig. Dus ik ontmoet heel veel leuke blije mensen. En dat ik uiteindelijk toch eigen baas ben, dat vind ik wel kicken. Dus dat maakt mij blij, mijn klanten maken mij blij! Om contact met ze te hebben en te kletsen. En mensen mooi maken, blij maken met mooie items. Want ze gaan toch blij de deur uit. Als ze twijfelen zeg ik: ‘Nee niet doen!’. Bij twijfel niet doen, dan blijft het weer in een kast blijven hangen en dat is zonde voor iedereen. “