Uit een onderzoek van EenVandaag, in samenwerking met het Centraal Joods Overleg en JMW Joodswelzijn, bleek dat ongeveer de helft van de joden in Nederland niet openlijk joods durven te zijn. Van de 557 deelnemers zegt 47 procent niet hun joodse achtergrond te uiten. Na dit onderzoek hebben de initiatiefnemers van het YouTubekanaal ‘BondGenoten’ een video opgenomen waarin te zien is dat een van hen meerdere malen werd gediscrimineerd om het feit dat hij met een keppeltje op liep. Hij werd onder andere uitgemaakt voor ‘kanker capella’, wat bezetter betekent. Deze video speelde zich af in Utrecht. Joachim Cornielje (21), voorzitter van de Jonge Socialisten Utrecht, de Utrechtse afdeling van de politiek onafhankelijke jongerenorganisatie binnen de Partij van de Arbeid, schrok ontzettend van deze video en wilde hier iets mee doen.

Joachim heeft op zondag 13 januari, samen met de Jonge Socialisten Utrecht, een demonstratie bij winkelcentrum Nova in Utrecht georganiseerd tegen antisemitisme. In het onderzoek van EenVandaag gaf 52 procent aan op straat anti-joodse sentimenten te zien. Joachim vindt dit niet oké en wilde een eerste stap zetten naar verandering en mensen er bewust van te maken hoeveel haat er nog is richting het jodendom in ons land.

“Bij de bijeenkomst hebben Rabbijn Aryeh Leib Heintz en zijn vrouw gesproken. Ze spraken over hun

Je staat er niet bij stil, maar er is nog zoveel haat

alledaagse ervaringen. Ik denk dat dat heel belangrijk is, omdat ook ik heel erg had onderschat hoe de joodse ervaring is in Nederland. Deze mensen durven op sommige plekken gewoon niet te komen. Ik sta daar nooit bij stil. Ik ga overal rustig heen en voel me dan ook overal veilig, maar zij dus niet. Dat is heftig om te horen. Zij vertelden dat hun zoon een keer in elkaar is geslagen wegens zijn achtergrond, dat ze elke dag een vorm van intimidatie meemaken en dat er zelfs een keer een hakenkruis in de deur is gekrast. Je staat er niet bij stil, maar er is nog zoveel haat. Ik was erg geschokt door de verhalen die ik hoorde. Ik merkte ook toen ik de video zag dat ik echt boos werd. Ook omdat het in Utrecht was, zo van “Fuck, dat is mijn stad”. Dan voelt het op een of andere manier nog meer van: wij moeten hier iets mee doen. Het moet gewoon een gespreksonderwerp zijn aan de keukentafel. Ik denk dat wij daar nu wel een stap in hebben gezet. Ik heb het geprobeerd bespreekbaar te maken. Ook binnen links, want soms wordt er binnen links redelijk terughoudend gereageerd op deze onderwerpen. Dit is ook niet een onderwerp dat de politiek kan oplossen. De discussie moet vooral onder het volk voortzetten. Ik zal daar altijd wel aan bijdragen. Ik wil ook zeker nog een keer samenwerken met de synagoge. Maar voorlopig gaan we niet nog heel veel directe acties uitvoeren. We willen vooral graag dat het op de publieke agenda komt. Dat mensen zich er bewust van zijn. Het is fijn dat wij ons als jongerenorganisatie kunnen focussen op heel veel van dit soort maatschappelijke dingen. Wij hoeven geen verkiezingen te winnen, dat scheelt uiteraard een hoop.”

De Jonge Socialisten houden zich niet gericht met één onderwerp bezig. De leden van de organisatie houden zich ook graag bezig met onderwerpen die niet per se door de politiek opgelost kunnen worden, maar die zij wel belangrijk vinden. Zij hebben niet maandelijks demonstraties als deze, maar zij zijn wel continu in de weer. Al helemaal als voorzitter zijnde.

“In Utrecht hebben wij zo’n 200 leden. In het hele land zijn er ongeveer 2000 leden, verdeeld over alle

Fuck, dat is mijn stad

provincies. Wij hebben in Utrecht rond de 20 actieve leden. Ik zou wel graag wat meer actieve leden zien. Tijdens een week als vorige week is het redelijk intensief. Met zo’n bijeenkomst moet je veel regelen, met de gemeente, met de politie… Dat kost al gauw zo’n twintig à dertig uur in een week. Maar ik zet me graag in voor dingen, al helemaal onderwerpen als deze die ik zo belangrijk vind. Er zijn veel onderwerpen die ik belangrijk en interessant vind. Meestal als het onderwerp belangrijker is, vind ik het ook interessanter. Maar mijn interessegebied is wel breed. Later wil ik ook de politiek in. Ik studeer nu sociologie. Nu zal je misschien denken “huh”, maar bijna iedereen gaat politicologie studeren om daarna meteen de politiek in te gaan. Mensen kennen alleen dat, niks eromheen. Ik denk dat mensen hierdoor enigszins tunnelvisie hebben. Zij hebben vaak geen idee wat er in de rest van de wereld gebeurt. Bij sociologie draait het ook heel erg om de maatschappij, en dat is waar ik later voor wil werken. Want ja, dat is politiek.”